Bijdrage Cie Leef­om­geving begroting Milieu en duur­zaamheid


30 oktober 2013

Voorzitter, de tekst van het programma Milieu en duurzaamheid begint hoopgevend: het in stand houden van de kwaliteit van de leefomgeving waarbij het streven naar een duurzame stad centraal staat.

Maar kijkend naar de gereserveerde bedragen en alle stukken waar we nog op aan het wachten zijn, blijft het bij mooie woorden. Het lijkt dan ook alsof dit programma bij het college onderaan de prioriteitenlijst bungelt. Eerst wordt geld gereserveerd voor mooie vergezichten en wensdromen en de paar euro’s die dan nog overblijven mogen ingezet worden voor milieu en duurzaamheid. En dat is natuurlijk doodzonde.

Want ook op dit programma is flink bezuinigd. En ook dit programma lijkt vergeten te zijn bij het vinden van posten voor de meevaller van € 115 miljoen euro.

En dat terwijl de topindicator steeds verder uit het zicht raakt. Volgens het college wordt dit opgelost door de subsidie voor dak- en vloerisolatie en de innovatieve ideeën. Maar ook dat zijn weer regelingen waar flink op is bezuinigd. Waarom heeft het college dan ook niet die bezuinigingen teruggedraaid en extra geïnvesteerd in deze zaken?

De post ‘Bijdrage aan klimaatdoelen en duurzame energie’ is bijna met een vierde gekrompen. En daar wordt ook niet extra in geïnvesteerd en dat vind ik echt onbegrijpelijk. Een deel van het geld is naar Duurzaam Den Haag gegaan. Kan de wethouder vertellen tot welke concrete acties dit project al heeft geleid? En vindt de wethouder dit voldoende? Graag een inhoudelijke reactie van de wethouder hierop.

Dan kom ik op het handhaven van de Wet milieubeheer. Wat de Partij voor de Dieren betreft hadden we dit allang gedaan. En voorzitter, dit is natuurlijk niet het ei van Columbus. De Wet Milieubeheer stelt namelijk dat het alleen mag gaan om besparingsmaatregelen met een terugverdientijd van maximaal vijf jaar. Dat betekent dat energetische verbeteringen van de gebouwschil, zoals HR-glas of gevelisolatie, daar niet onder vallen.

Daarbij gaan we de maatregelen voor energiebesparing tijdens de reguliere controles aan zo’n 1500 bedrijven per jaar opleggen. Hoe lang duurt het om met die reguliere inspecties iedereen te controleren? Is het niet een idee om de groep bedrijven die een grote verbetering kunnen maken eerst te checken? Dat lijkt me toch wat zinvoller. En gaan we als gemeente dan ook het bouwbesluit handhaven?[1] Graag een reactie van de wethouder hierop.

[1] (uit backcasting rapport CE Delft):Handhaving van het bouwbesluit zodat nieuwe gebouwen voldoen aan de EPC-eisen is zelfs een taak op het kritieke pad. (van Wiki): De Energieprestatiecoëfficiënt (EPC) is een index die de energetische efficiëntie van nieuwbouw aangeeft, en wordt bepaald door berekeningen vastgelegd in de norm NEN 7120 die sinds 1 juli 2012 de normen NPR 2916 (utiliteitsbouw) en NPR 5128 (woningbouw) vervangt [agentschap NL]. In Nederland geldt voor woningbouw sinds 2006 een eis van 0,8. De EPC-berekening is opgenomen in het bouwbesluit, en sinds 1995 is het verplicht deze bij een bouwaanvraag in te dienen. Vanaf 2011 geldt de strengere norm van 0,6 De verwachting is dat vanaf 2015 de norm gesteld wordt op 0,4.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer