Vast­goed­mo­nitor 2015 en braak­lig­gende terreinen


4 september 2015

Voorzitter,

De gemeentelijke organisatie heeft een belangrijke rol in het duurzamer en leefbaarder maken van Den Haag en vervult hierbij een voorbeeldfunctie. Als we ons tot doel stellen om de CO2-uitstoot in 2020 met 30% te laten afnemen dan verwacht de Partij voor de Dieren dat de gemeentelijke organisatie voor haar eigen gebouwen dit sowieso doet. Ziet de wethouder dit ook zo? Gaat de gemeentelijke organisatie in elk geval het 30%-doel halen?

Dit blijkt niet uit het plan van aanpak. Het bevreemdt mijn fractie dat de wethouder slechts aangeeft dat bij het maatschappelijke vastgoed vóór 2020 alle verduurzamingsmaatregelen worden uitgevoerd welke binnen vijf jaar terugverdiend worden. Dit is een verstandige financiële keuze, maar heeft weinig met een echte duurzaamheidsambitie te maken, sterker nog, elk willekeurig bedrijf zou een investering doen als het zou weten dat die binnen vijf jaar is terugverdiend. De onderbouwing is in het licht van duurzaamheidsdoelstellingen totaal onzinnig.

Waar het echt om gaat is dat we klimaatverandering tegen gaan. Echte duurzaamheidsambities gaan daarom gepaard met concreet afrekenbare energiebesparing waarbij niet puur naar de financiële kosten en baten wordt gekeken. Graag een reactie van de wethouder. Wat zijn de doelstellingen en waarom staan deze nu niet in het plan?

Wat is het effect van de voorgestelde duurzaamheidsmaatregelen? Is er een streefaantal gebouwen dat per jaar klimaatneutraal moet worden om aan de doelstellingen te voldoen? Is er een streefgetal voor het aantal zonnepanelen of groene daken?

In algemene zin vinden we de eerste jaarlijkse monitor te summier en zien mogelijkheden om deze inzichtelijker te maken. Belangrijk is om inzicht te geven in waar al het gemeentelijk vastgoed zich bevindt en welk verbruik deze panden hebben en wat reeds aan duurzaamheidsmaatregelen is getroffen. Is de wethouder bereid een dergelijk overzicht te geven?

Dan de gemeentelijke gronden. Ruim 30% van de gronden zijn gereserveerd voor stedelijke ontwikkeling. Kan de wethouder aangeven waar deze zich bevinden en wat de bestemming wordt? Is de wethouder bereid een overzicht schriftelijk aan de commissie te doen toekomen en hierbij aan te geven wat de status is?

Het benutten van de braakliggende terreinen is op allerlei manieren mogelijk. In de aangenomen initiatiefvoorstellen Heerlijk Haags en Bij-voorbeeld, wordt het inzaaien van bijvriendelijke planten en stadslandbouw genoemd. De Partij voor de Dieren ziet meer mogelijke invullingen, zoals een park aan de Loosduinse Kade of een zonneakker aan de Waldorpstraat.

De wethouder kan Haagse inwoners uitnodigen om met ideeën voor deze terreinen te komen. Kan de wethouder dit initiëren? Want samen met bewoners kan Den Haag op deze plekken mooie initiatieven laten ontstaan, die bijdragen aan de uitdagingen en problemen waarmee een stad als Den Haag wordt geconfronteerd, zoals te weinig groen, klimaatverandering, de noodzaak tot verduurzaming etc.

Kan de wethouder, naast dit overzicht van langdurig gemeentelijke braakliggende terreinen, ook een overzicht sturen van tijdelijke braakliggende terreinen, die in ieder geval bestaan tot en met de zomer van 2016? Deze kunnen dan bijvoorbeeld in het voorjaar worden ingezaaid met bijvriendelijke bloemen en zijn daarmee van nut voor mens en dier.

Wij pleiten er ook voor dat de wethouder verder gaat. Niet alleen gemeentelijke braakliggende terreinen kunnen bijdragen aan deze doelstellingen. Zo presenteert de gemeente Amsterdam ook terreinen van anderen op een interactieve kaart. Op deze manier fungeert de gemeente als inspiratiebron voor degenen die mogelijk geïnteresseerd zijn in het in gebruik nemen van een braakliggend terrein. Een mooi initiatief in Amsterdam is De Ceuvel waar een vervuild terrein een groene oase wordt. Is de wethouder bereid een interactieve kaart te maken voor braakliggende terreinen en hiermee het voorbeeld van Amsterdam te volgen?

Wij staan voor:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer