Partij voor de Dieren vraagt college om preven­tieve aanpak 'meeu­wen­overlast'


29 augustus 2014

De gemeenteraadsfractie Partij voor de Dieren Den Haag heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college over de aanpak van de gerapporteerde meeuwenoverlast in Den Haag. Onlangs deed VVD-Kamerlid Heerema het voorstel om meeuwen van de lijst beschermde inheemse diersoorten te schrappen. Gemeenten zouden zo meer mogelijkheden krijgen om de dieren te bestrijden via afschot of vergassing. De Partij voor de Dieren wil dat de gemeente op een effectieve en diervriendelijke manier overlast voorkomt en niet overgaat tot zinloze bestrijding van meeuwen.

De toenemende menselijke activiteiten in het kustgebied en het grote voedselaanbod in Den Haag – door het voeren van de dieren en de aanwezigheid van zwerfvuil en vuilniszakken op - leiden ertoe dat de stad meeuwen blijft aantrekken. De platte grinddaken van woningen, overheidsgebouwen en bedrijven bieden de meeuwen ideale broedplaatsen. Mensen maken zo van de stad een aantrekkelijk leefgebied voor de Kleine Mantelmeeuw en de Zilvermeeuw, waardoor een aantal Hagenaren overlast van meeuwen ervaart door hun balts- en contactroep, en door zwerfvuil op straat.

De PvdD- fractie vraagt het college om een preventieve, diervriendelijke en effectieve aanpak van de gemelde problemen met meeuwen. Zij wil onder andere het aanbod van zwerfvoedsel terugdringen met een voederverbod en broeden daken ontmoedigen door groene daken aan te leggen.

Christine Teunissen, fractievoorzitter Partij voor de Dieren: “Bestrijding is wreed en heeft geen enkele zin. We willen dat het college van de grootste betrokken kustplaats afstand neemt van het VVD- voorstel. De Zilvermeeuw en Kleine mantelmeeuw zullen naar de stad blijven trekken zo lang Den Haag een voedsel- en broedparadijs blijft. Het vermeende meeuwenprobleem is dus eigenlijk een mensenprobleem dat we bij de bron moeten aanpakken.”

Wij staan voor:

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief