Raads­vragen opvang met olie besmeurde vogels


Naar aanleiding van het bericht op Westonline genaamd “Meer dan dertig besmeurde vogels bij De Wulp” , stelt ondergetekende - onder verwijzing naar artikel 38 van het Reglement van Orde - de volgende vragen:

1. Bent u bekend met het bericht “Meer dan dertig besmeurde vogels bij De Wulp”1?
2. Hoeveel met olie besmeurde vogels zijn er inmiddels in Den Haag gevonden?
3. Is het college bekend met de kosten die het opvangen van een met olie besmeurde vogel met zich mee brengen? Zo ja, hoeveel is dat? Zo neen, is het college bereid dit na te vragen?
4. Acht het college het moreel aanvaardbaar dat de kosten van de zorg voor deze dieren afhankelijk is van donateurs en giftgevers? Graag een toelichting.
5. In de hypothetische situatie dat er geen vogelasiel zou zijn: wie zou volgens het college in dat geval dan voor de (kosten van de) verzorging van de met olie besmeurde vogels moeten opdraaien?
6. Deelt het college de mening dat het vogelasiel een nuttige bijdrage levert aan de Haagse gemeenschap door te voorzien in een plek waar burgers met gewonde vogels terecht kunnen en daarmee de Haagse burgers in staat stelt te voldoen aan hun zorgplicht2? Zo ja, deelt het college de mening dat het oneerlijk en onethisch is dat de gemeente wel profiteert van het bestaan van een vogelasiel, maar niet bereid is een bijdrage te leveren aan het vogelasiel? Zo ja, deelt het college de mening dat het wenselijk is dat de gemeente bijdraagt aan een nette en humane manier om in het wild levende dieren te helpen, door een bijdrage te leveren aan het vervoer en de opvang van deze dieren? Graag een toelichting.
7. Is het college bereid de landelijke overheid te vragen om eenduidige regels voor de vergoedingen aan het vervoer en de opvang van gewonde in het wild levende dieren?

1 http://www.westonline.nl/nieuws/meer-dan-dertig-besmeurde-vogels-bij-wulp
2 Op grond van artikel 2 van de Flora- en Faunawet en op grond van artikel 36 lid 3 Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren.

Antwoorddatum: 7 mrt. 2012

sv 2012.056
RIS 246262
Regnr. DSB/2012.115 Den Haag, 6 maart 2012
Inzake: Opvang met olie besmeurde vogels
De gemeenteraad
Het raadslid mevrouw M.J.E. de Groot heeft op 27 januari 2012 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 38 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

1. Bent u bekend met het bericht “Meer dan dertig besmeurde vogels bij De Wulp”1?
Ja.

2. Hoeveel met olie besmeurde vogels zijn er inmiddels in Den Haag gevonden?

Het is het college niet bekend hoeveel vogels er in dit specifieke geval zijn gevonden. Vogelasiel De Wulp vangt over het algemeen jaarlijks enkele tientallen met olie besmeurde vogels op.

3. Is het college bekend met de kosten die het opvangen van een met olie besmeurde vogel met zich mee brengen? Zo ja, hoeveel is dat? Zo neen, is het college bereid dit na te vragen?
Nee, het college is niet op de hoogte van de kosten van deze opvang. Aangezien de opvang van in het wild levende dieren geen verantwoordelijkheid is van de gemeente, verzamelt de gemeente daarover geen gegevens.

4. Acht het college het moreel aanvaardbaar dat de kosten van de zorg voor deze dieren afhankelijk is van donateurs en giftgevers? Graag een toelichting.
Ja, het college vindt het een goede zaak dat burgers bijdragen aan de opvang voor dieren in nood. In het algemeen juicht het college betrokkenheid van de burger bij de zorg voor de eigen leefomgeving toe.
DSB/2012.115 2

5. In de hypothetische situatie dat er geen vogelasiel zou zijn: wie zou volgens het college in dat geval dan voor de (kosten van de) verzorging van de met olie besmeurde vogels moeten
opdraaien? Over een dergelijke hypothetische situatie heeft het college geen mening.

6. Deelt het college de mening dat het vogelasiel een nuttige bijdrage levert aan de Haagse gemeenschap door te voorzien in een plek waar burgers met gewonde vogels terecht kunnen en
daarmee de Haagse burgers in staat stelt te voldoen aan hun zorgplicht2? Zo ja, deelt het college de mening dat het oneerlijk en onethisch is dat de gemeente wel profiteert van het bestaan van een vogelasiel, maar niet bereid is een bijdrage te leveren aan het vogelasiel? Zo ja, deelt het college de mening dat het wenselijk is dat de gemeente bijdraagt aan een nette en humane manier om in het wild levende dieren te helpen, door een bijdrage te leveren aan het vervoer en de opvang van deze dieren? Graag een toelichting.

Ja, het college vindt dat het vogelasiel over het algemeen goed werk verricht met de opvang van vogels. Alleen het feit dat er een vogelasiel is dat goed werk verricht, vindt het college echter geen
reden om een financiële bijdrage te leveren. Bovendien is er geen sprake van profiteren door de gemeente. De gemeente heeft zelf geen specifieke verantwoordelijkheid voor de zorg voor gewonde dieren die in het wild leven. Zie hiervoor ook de brief aan de commissie Leefomgeving van 25 januari 2012 over dit onderwerp (RIS 246126).

7. Is het college bereid de landelijke overheid te vragen om eenduidige regels voor de vergoedingen aan het vervoer en de opvang van gewonde in het wild levende dieren?
Nee, met de komst van het meldnummer 144 vindt er landelijk overleg plaats tussen het Rijk en de dierenorganisaties zoals de Dierenbescherming en Federatie Dierenambulances Nederland over de taakverdeling en taakinvulling voor wat betreft de zorg voor dieren. Het college wacht de uitkomst van deze discussie af.

Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris, de burgemeester,
mw. A.W.H. Bertram J.J. van Aartsen
1 http://

Wij staan voor:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer