Schrif­te­lijke vragen berichten Haagse dierentuin


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

In de media zijn deze week verschillende berichten verschenen over een ondernemer die een dierentuin in Den Haag wil beginnen. Dieren zijn levende wezens, geen producten of middelen tot menselijk vermaak. Met het gevoel, bewustzijn en de eigen belangen van dieren moet dan ook volgens de Partij voor de Dieren ten volle rekening worden gehouden. De Partij voor de Dieren is dan ook tegen het tentoonstellen van dieren.

De berichtgeving is vooral vanuit het oogpunt van de ondernemer geweest en de Partij voor de Dieren wil dan ook graag vanuit het college hier meer over weten. Ondergetekende stelt daarom, in aanvulling op de vragen van Groep de Mos - onder verwijzing naar artikel 38 van het Reglement van Orde - de volgende vragen:

1. Is het college bekend met het voornemen van een Haagse ondernemer om een dierentuin in Loosduinen te realiseren?

2. Klopt het dat het bestemmingplan momenteel geen dierentuin op deze plek toe staat? Is een wijziging op dit punt een college bevoegdheid?

3. Klopt het dat er meerdere vergunningstrajecten doorlopen moeten worden zowel op gemeentelijk als op landelijk niveau voordat men een dierentuin kan beginnen? Lopen er in dit kader al aanvragen bij de gemeente? Zo ja welke? Zo neen, bent u bereid de raad hierover op de hoogte te houden?

4. Deelt het college de mening dat, gelet op de problemen die gepaard gaan met het houden van wilde dieren in gevangenschap, het niet wenselijk is om een dierentuin in Den Haag te beginnen? Zo neen, hoe kijkt het college dan tegen deze plannen aan?


Met vriendelijke groet,


Marieke de Groot
Fractievoorzitter Partij voor de Dieren
Gemeente Den Haag

Antwoorddatum: 4 jan. 2013

Het raadslid mevrouw M.J.E. de Groot heeft op 21 november 2012 een brief met daarin 4 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 38 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

In de media zijn deze week verschillende berichten verschenen over een ondernemer die een dierentuin in Den Haag wil beginnen. Dieren zijn levende wezens, geen producten of middelen tot menselijk vermaak. Met het gevoel, bewustzijn en de eigen belangen van dieren moet dan ook volgens de Partij voor de Dieren ten volle rekening worden gehouden. De Partij voor de Dieren is dan ook tegen het tentoonstellen van dieren.

De berichtgeving is vooral vanuit het oogpunt van de ondernemer geweest en de Partij voor de Dieren wil dan ook graag vanuit het college hier meer over weten.

1. Is het college bekend met het voornemen van een Haagse ondernemer om een dierentuin in Loosduinen te realiseren?

Ja, het college is hiermee bekend.


2. Klopt het dat het bestemmingplan momenteel geen dierentuin op deze plek toe staat? Is een wijziging op dit punt een college bevoegdheid?

De locatie van Avonturia valt binnen het bestemmingsplan Kerketuinen 1e herziening uit 1993. Voor het pand (nummer 3) geldt de bestemming Tuincentrum, waarbinnen de functie dierentuin niet is toegestaan. Voor de wijziging van de bestemming kan een afwijking van het bestemmingsplan worden opgesteld, waartoe het college bevoegd is.


3. Klopt het dat er meerdere vergunningstrajecten doorlopen moeten worden zowel op gemeentelijk als op landelijk niveau voordat men een dierentuin kan beginnen? Lopen er in dit kader al aanvragen bij de gemeente? Zo ja welke? Zo neen, bent u bereid de raad hierover op de hoogte te houden?

Ja, er zijn meerdere vergunningen nodig voor de realisatie van een dierentuin. Er lopen op dit moment geen gemeentelijke vergunningsaanvragen.

Het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie heeft de aanvraag voor een dierentuinvergunning voor Avonturia afgewezen, in de uitgebreide reactie worden tevens duidelijke adviezen/vereisten aangegeven. De initiatiefnemer zal eerst met het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie moeten overleggen welke vervolgstappen genomen dienen te worden om te voldoen aan de landelijke regelgeving.


4. Deelt het college de mening dat, gelet op de problemen die gepaard gaan met het houden van wilde dieren in gevangenschap, het niet wenselijk is om een dierentuin in Den Haag te beginnen?
Zo neen, hoe kijkt het college dan tegen deze plannen aan?

De regels voor het starten van een dierentuin zijn landelijk vastgesteld. Wanneer binnen deze wet- en regelgeving en landelijk beleid wordt gehandeld, ziet het college geen principiële bezwaren tegen dit initiatief.


Het college van burgemeester en wethouders,

de burgemeester
J.J. van Aartsen

de secretaris
mw. A.W.H. Bertram

Wij staan voor:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer