Raads­vragen moni­toring Haagse visstand


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Naar aanleiding van het bericht “Visbezetting Wateringse Veld” in de Wateringse Velpost van december 2011 stelt ondergetekende - onder verwijzing naar artikel 38 van het Reglement van Orde - de volgende vragen:

1. Wordt de visstand monitoring in de Haagse wateren altijd door vissers zelf uitgevoerd? Zo ja, op welke wijze wordt een onafhankelijke beoordeling dan gewaarborgd? Zo neen, hoe zit het dan?
2. Zijn er meer Haagse wateren recentelijk gemonitord? Zo ja, welke en wat laten de (voorlopige) resultaten zien?
3. Maakt de gemeente als eigenaar van het water deel uit van de Commissie Visstandbeheer Haagse Wateren? Zo ja, op welke wijze? Zo neen, waarom niet?
4. In het Waterplan 2010-2015 staat op pagina 30 dat in 2011 gestart wordt met het opstellen van het visstandbeheersplan voor de periode na 2012. Hoe staat het met hiermee? Wordt dit visstandbeheersplan naar de Raad gestuurd voor goedkeuring? Zo ja, wanneer? Zo neen, waarom niet?
5. In het waterplan werd gesproken van een onbalans in de aanwezige vissoorten en wordt er niet voldaan aan de Kaderrichtlijn Water (KRW) norm, is dat nog steeds het geval? Zo ja, bent u bereid aanvullende beleidsinspanningen te leveren om te zorgen dat de KRW norm in 2015 gehaald wordt? Zo neen, kunt u toelichten op welke wijze invulling wordt gegeven aan het verslechteringsverbod en de inspanningsverplichting die de richtlijn voorschrijft?

Met vriendelijke groet,

Marieke de Groot
Fractievoorzitter Partij voor de Dieren
Gemeente Den Haag

Antwoorddatum: 7 feb. 2012

Het raadslid mevrouw M.J.E. de Groot heeft op 29 december 2011 een brief met daarin vijf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 38 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

1. Wordt de visstand monitoring in de Haagse wateren altijd door vissers zelf uitgevoerd? Zo ja, op welke wijze wordt een onafhankelijke beoordeling dan gewaarborgd? Zo neen, hoe zit het dan?

Ja, de vismonitoring wordt uitgevoerd door een beroepsvisser. Dit in samenwerking met vrijwilligers van de ’s-Gravenhaagse Hengelsportvereniging (GHV). Voor een correcte vismonitoring gelden landelijke voorschriften waarvoor deze beroepsvisser is gecertificeerd. Het Overlegplatform Visstandbeheer, waar het visstandbeheer van de Haagse wateren geregeld wordt, is opdrachtgever voor deze vismonitoring. De gemeente is voorzitter van dit Overlegplatform. Ook het Hoogheemraadschap van Delfland maakt daar deel uit van.

2. Zijn er meer Haagse wateren recentelijk gemonitord? Zo ja, welke en wat laten de (voorlopige) resultaten zien?

Ja, in opdracht van het Overlegplatform Visstandbeheer zijn recent een aantal wateren gemonitord. De resultaten geven een divers beeld, van vrijwel visloos water door dikke kroosdekken tot veel, vooral kleine vis. Op verschillende locaties is een normale en voor deze omgeving kenmerkende populatie en een zich goed ontwikkelende visstand in helder en plantenrijk water. Naast reguliere monitoring voert het Hoogheemraadschap van Delfland eenmaal per zes jaar een vismonitoring uit voor de Kaderrichtlijn Water (KRW) in de Oostboezem, waar de meeste Haagse kanalen en grachten onderdeel van uitmaken. De monitoring uit 2006 liet verschillen zien binnen de afzonderlijke gebieden. Enkele locaties werden gedomineerd door bijvoorbeeld brasem, waar plantenminnende vissoorten nauwelijks voor kwamen. Op ander plekken was het aandeel brasem en karper relatief beperkt en kwamen planten- en helder water minnende soorten, zoals snoek en snoekbaars, er meer voor.

3. Maakt de gemeente als eigenaar van het water deel uit van de Commissie Visstandbeheer Haagse Wateren? Zo ja, op welke wijze? Zo neen, waarom niet?

Nee, de Commissie Visstandbeheer Haagse Wateren is een uitvoerende commissie van vrijwilligers binnen de ‘s-Gravenhaagse Hengelsportvereniging. De gemeente maakt als voorzitter deel uit van het overkoepelende Overlegplatform Visstandbeheer, waar het visstandbeheer van de Haagse wateren geregeld wordt. Hierin neemt tevens het Hoogheemraadschap van Delfland deel.

4. In het Waterplan 2010-2015 staat op pagina 30 dat in 2011 gestart wordt met het opstellen van het visstandbeheersplan voor de periode na 2012. Hoe staat het met hiermee? Wordt dit visstandbeheersplan naar de Raad gestuurd voor goedkeuring? Zo ja, wanneer? Zo neen, waarom niet?

Het waterplan 2010-2015 is niet vastgesteld. De procedure rondom het concept Waterplan is aan de raad nader toegelicht (RIS 175850). In de eerste helft van 2012 zal een praktische uitvoeringsagenda Water aangeboden worden aan de gemeenteraad. Hierin zal ook aandacht besteed worden aan de visstand.

5. In het waterplan werd gesproken van een onbalans in de aanwezige vissoorten en wordt er niet voldaan aan de Kaderrichtlijn Water (KRW) norm, is dat nog steeds het geval? Zo ja, bent u bereid aanvullende beleidsinspanningen te leveren om te zorgen dat de KRW norm in 2015 gehaald wordt? Zo neen, kunt u toelichten op welke wijze invulling wordt gegeven aan het verslechteringsverbod en de inspanningsverplichting die de richtlijn voorschrijft?

De verantwoordelijkheid voor het voldoen aan de KRW ligt bij het Hoogheemraadschap van Delfland. De gemeente werkt mee om de doelen te realiseren. Uitsluitend voor wateren die onderdeel uitmaken van de Oostboezem zijn KRW-doelen gesteld. Bij de monitoring in 2006 werd niet aan al deze doelen voldaan. Het hoogheemraadschap werkt aan passend beleid en maatregelen hiervoor, de gemeente is hierbij betrokken.

Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris, de burgemeester,
mw. A.W.H. Bertram J.J. van Aartsen

Wij staan voor:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer