Schrif­te­lijke vragen - Alter­natief voor bomenkap Veenkade


Indiendatum: jan. 2016

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Op 15 april en 9 september 2015 heeft de Commissie Leefomgeving gesproken over het behoud van de kastanjebomen aan de Veenkade. Door de Partij voor de Dieren is gepleit voor een onderzoek naar alternatieven voor kap van de beeldbepalende bomen.

Nu blijkt uit onderzoek van funderingsspecialist Strackee dat het inderdaad mogelijk is de kade te herstellen zonder kap van de beeldbepalende bomen. Met deze alternatieve methode voor kadeherstel wordt in plaats van een nieuwe kade de bestaande monumentale kademuur intact gelaten en wordt de muur versterkt met nieuwe funderingspalen.

Deze methode die Strackee in opdracht van de actiegroep Red de Bomen Zeeheldenkwartier heeft gemaakt, laat bovendien zien dat het risico van schade aan panden met deze methode bovendien veel kleiner is, de methode minder overlast met zich meebrengt en goedkoper is dan de variant die de gemeente voor ogen heeft.

Onder verwijzing naar artikel 30 van het Reglement van Orde stelt ondergetekende de volgende vragen:

1. Heeft het college kennisgenomen van de door de bewoners onderzochte methode van kadeherstel?

2. Is het college bereid om deze methode te gebruiken aangezien deze aantoonbaar voordelen heeft ten opzichte van de door het college uitgewerkte methode voor kadeherstel?

3. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat met het uitvoeren van deze methode een dubbele doelstelling wordt bereikt: het herstellen van de kademuren én het behouden van de bomen?

4. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat door het uitvoeren van deze methode de waterhuishouding niet wordt aangetast en het monumentale aangezicht intact blijft?

In de commissievergadering van 9 september heeft de wethouder BSKB toegezegd de Commissie direct te informeren over de beslissing op bezwaar (uitspraak in de bezwaarschriftenprocedure) en over de communicatie met het Hoogheemraadschap Delfland. Aangezien momenteel de rechtbankprocedure loopt is de beslissing op bezwaar al een tijd geleden afgerond. De wethouder heeft de Commissie Leefomgeving hier tot op heden niet over geïnformeerd.

5. Waarom heeft de wethouder zich niet aan zijn toezegging gehouden om de Commissie Leefomgeving over de beslissing op bezwaar te informeren?

6. Kan het college alsnog informatie verschaffen over de beslissing op bezwaar?

7. Waarom heeft de wethouder de Commissie Leefomgeving niet geïnformeerd over de officiële communicatie met het Hoogheemraadschap Delfland?

In de commissievergadering van 9 september heeft de wethouder BSKB tevens toegezegd de gemeenteraad op de hoogte te houden over de uitspraak van de rechter. Sindsdien heeft de gemeente een rechtszaak over de voorgenomen bomenkap aan de Veenkade bij de voorzieningsrechter verloren. De gemeente mag nog niet tot kappen overgaan totdat er een definitieve rechterlijk uitspraak volgt.

8. Waarom heeft de wethouder zich niet aan zijn toezegging gehouden om de gemeenteraad te informeren over de uitspraak van de rechter?

9. Waarom heeft het college tot twee keer toe bij de rechter ongelijk gehaald en heeft het college niet geprobeerd een rechtszaak te voorkomen?

10. Kan het college alsnog informatie verschaffen over deze uitspraak en hoe het college aan deze uitspraak gehoor zal geven?

Op 5 februari is de zitting van de bodemprocedure bij de rechter.

11. Is het college, gezien de twee eerdere uitspraken van de voorzieningsrechter, bereid om de bewoners aan de Veenkade tegemoet te komen en de kapvergunning voor de rechtszaak in te trekken of aan te houden?

12. Is het college bereid om op basis van het nieuwe onderzoek het gesprek met de bewoners aan te gaan over de door hen aangedragen alternatieve methode?

13. Is het college bereid deze schriftelijke vragen met spoed te behandelen en voor de zitting van 5 februari te beantwoorden?

Met vriendelijke groet,

Christine Teunissen
Gemeenteraadslid
Partij voor de Dieren Den Haag

Indiendatum: jan. 2016
Antwoorddatum: 2 feb. 2016

Het raadslid mevrouw Teunissen heeft op 14 januari 2016 een brief met daarin dertien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

Op 15 april en 9 september 2015 heeft de Commissie Leefomgeving gesproken over het behoud van de kastanjebomen aan de Veenkade. Door de Partij voor de Dieren is gepleit voor een onderzoek naar alternatieven voor kap van de beeldbepalende bomen.

Nu blijkt uit onderzoek van funderingsspecialist Strackee dat het inderdaad mogelijk is de kade te herstellen zonder kap van de beeldbepalende bomen. Met deze alternatieve methode voor kadeherstel wordt in plaats van een nieuwe kade de bestaande monumentale kademuur intact gelaten en wordt de muur versterkt met nieuwe funderingspalen.

Deze methode die Strackee in opdracht van de actiegroep Red de Bomen Zeeheldenkwartier heeft gemaakt, laat bovendien zien dat het risico van schade aan panden met deze methode bovendien veel kleiner is, de methode minder overlast met zich meebrengt en goedkoper is dan de variant die de gemeente voor ogen heeft.

1. Heeft het college kennisgenomen van de door de bewoners onderzochte methode van kadeherstel?

Ja.

2. Is het college bereid om deze methode te gebruiken aangezien deze aantoonbaar voordelen heeft ten opzichte van de door het college uitgewerkte methode voor kadeherstel?

Nee. De voorgestelde methode van Strackee biedt helaas niet alle in het rapport genoemde voordelen en kent bovendien verschillende risico’s, waardoor deze geen haalbaar alternatief vormt. De huidige oude gemetselde muur is ontworpen om te rusten op de houten funderingsvloer, niet om te hangen aan stalen buispalen zoals Strackee voorstelt.
Het metselwerk kan druk opnemen maar zeer weinig trekkracht. Dit wordt bevestigd door het onderzoek van Nebest en in het rapport van Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau, toegevoegd als bijlage 1, paragraaf 2.6.6. en 3.1.1 bij commissiebrief
Daarnaast bleek tijdens de werkzaamheden voor de VAB-Veenkade in 2014, aan het pand op de Veenkade 1bis, dat dit type palen hier niet op de benodigde diepte gebracht konden worden. Voor de kademuur zou dit betekenen dat de palen onvoldoende draagkrachtig zijn.


Deze methode heeft een kortere levensduur en, anders dan gesteld in de rapportage van Strackee, is deze variant fors duurder dan gebruikelijk voor soortgelijke Haagse kademuurvervangingen. Verder heeft deze variant een negatief effect op de grondwaterhuishouding. Er kan geen drainage systeem aangebracht worden achter de kademuur, waardoor de grondwaterstand in de omgeving niet beheersbaar is. Dit heeft zeer nadelige gevolgen voor de omliggende bebouwing en voor de bomen. Deze conclusies worden ondersteund door het onderzoek van Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau, die onderzoek heeft verricht naar een soortgelijk alternatief (Alternatief A). Dit onderzoek is toegevoegd als bijlage 1 bij commissiebrief op RIS291426 (dwz DSB2016.47).

3. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat met het uitvoeren van deze methode een dubbele doelstelling wordt bereikt: het herstellen van de kademuren én het behouden van de bomen?

Zie de beantwoording van vraag 2.

4. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat door het uitvoeren van deze methode de waterhuishouding niet wordt aangetast en het monumentale aangezicht intact blijft?

Zie met betrekking tot haalbaarheid van de voorgestelde methode het antwoord op vraag 2.
De voorgestelde methode zou inderdaad geen negatieve effecten hebben op het doorstroomprofiel. Ten aanzien van het aanzicht van de kademuur zou de in 2012 als noodmaatregel aangebrachte metalen gording permanent in stand worden gehouden.


In de commissievergadering van 9 september heeft de wethouder BSKB toegezegd de Commissie direct te informeren over de beslissing op bezwaar (uitspraak in de bezwaarschriftenprocedure) en over de communicatie met het Hoogheemraadschap Delfland. Aangezien momenteel de rechtbankprocedure loopt is de beslissing op bezwaar al een tijd geleden afgerond. De wethouder heeft de Commissie Leefomgeving hier tot op heden niet over geïnformeerd.

5. Waarom heeft de wethouder zich niet aan zijn toezegging gehouden om de Commissie Leefomgeving over de beslissing op bezwaar te informeren?
6. Kan het college alsnog informatie verschaffen over de beslissing op bezwaar?

Ad 5 en 6.
In de commissiebrief op RIS291426 (dwz DSB2016.47) wordt de commissie geïnformeerd over de voortgang van de vervanging van de kademuren aan de Veenkade en Toussaintkade, waaronder de beslissing op bezwaar en juridische procedure. In deze brief worden ook de resultaten van het onderzoek van Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau samengevat, die de gemeente op 28 januari 2016 heeft ontvangen.

7. Waarom heeft de wethouder de Commissie Leefomgeving niet geïnformeerd over de officiële communicatie met het Hoogheemraadschap Delfland?

Uitgaande dat de vraagsteller refereert aan de brief van 25 september 2015 van het Hoogheemraadschap van Delfland: ‘Het vervangen van de kademuren bij de Veenkade en Toussaintkade’:

Dit betreft een brief van Dijkgraaf en Hoogheemraden van Delfland aan het college van B&W van Den Haag. In de brief wordt een nadere duiding gegeven van het eerder ingenomen standpunt van het Hoogheemraadschap. Hierin staan geen nieuwe feiten ten opzichte van het eerdere schrijven van het Hoogheemraadschap, dat als bijlage 26a is bijgevoegd bij RIS281724. De nadere toelichting is bijgevoegd bij de commissiebrief op RIS291426 (DSB2016.47).


In de commissievergadering van 9 september heeft de wethouder BSKB tevens toegezegd de gemeenteraad op de hoogte te houden over de uitspraak van de rechter. Sindsdien heeft de gemeente een rechtszaak over de voorgenomen bomenkap aan de Veenkade bij de voorzieningsrechter verloren. De gemeente mag nog niet tot kappen overgaan totdat er een definitieve rechterlijk uitspraak volgt.

8. Waarom heeft de wethouder zich niet aan zijn toezegging gehouden om de gemeenteraad te informeren over de uitspraak van de rechter?

Zie de beantwoording van de vragen 5 en 9.

De zitting van de bodemprocedure vindt plaats op 5 februari. De uitspraak wordt in februari verwacht.

9. Waarom heeft het college tot twee keer toe bij de rechter ongelijk gehaald en heeft het college niet geprobeerd een rechtszaak te voorkomen?

Voor de 17 kastanjebomen op de Veenkade is op 27 maart 2015 een kapvergunning verstrekt. Diverse belanghebbenden hebben bezwaarschriften ingediend. De hoorzitting bij de Adviescommissie bewaarschriften vond plaats op 30 juni 2015. Tevens hebben de belanghebbenden om een voorlopige voorziening verzocht, met een hoorzitting op 28 augustus 2015. De voorzieningenrechter heeft beslist dat het besluit van 27 maart 2015 wordt geschorst tot 6 weken na de beslissing op bezwaar. Deze uitspraak is toegevoegd als bijlage 5 bij commissiebrief op RIS291426 (dwz DSB2016.47).

Op 16 september 2015 heeft de Adviescommissie bezwaarschriften geadviseerd de bezwaarschriften ongegrond te verklaren. In de beslissing op bezwaar van 28 oktober 2015 zijn door het college de bezwaren, conform dit advies, ongegrond verklaard. De beslissing op bezwaar is toegevoegd als bijlage 7 bij de commissiebrief op RIS291426 (dwz DSB2016.47).

Omdat begin 2016 de kap van de kastanjebomen gepland staat, is door belanghebbenden opnieuw een voorlopige voorziening gevraagd. De hoorzitting vond plaats op 3 december 2015 .
Volgens de voorzieningenrechter is er in beginsel geen aanleiding om het verzoek om een voorlopige voorziening toe te wijzen en zou het bestreden besluit ook in de bodemprocedure in stand kunnen blijven.

Vanwege de onomkeerbaarheid van het kappen van de bomen en doordat de Stichting Bewonersorganisatie Zeeheldenkwartier de Groene Eland in de zitting heeft aangevoerd dat zij in afwachting is van nadere rapportages om het betoog nader te onderbouwen, is het besluit geschorst tot in de bodemprocedure uitspraak is gedaan. Deze uitspraak is toegevoegd als bijlage 8 bij commissiebrief op RIS291426 (dwz DSB2016.47).

De zitting in het kader van de bodemprocedure vindt plaats op 5 februari 2016. De uitspraak wordt in februari verwacht.


10. Kan het college alsnog informatie verschaffen over deze uitspraak en hoe het college aan deze uitspraak gehoor zal geven?
11. Is het college, gezien de twee eerdere uitspraken van de voorzieningsrechter, bereid om de bewoners aan de Veenkade tegemoet te komen en de kapvergunning voor de rechtszaak in te trekken of aan te houden?

Ad 10 en 11. De gemeente maakt, conform uitspraak van de voorzieningenrechter, geen gebruik van de kapvergunning tot na de uitspraak in de bodemprocedure. Omwonenden worden hierover geïnformeerd door middel van een bewonersbrief.
Zie ook de beantwoording van vragen 5 en 9.

12. Is het college bereid om op basis van het nieuwe onderzoek het gesprek met de bewoners aan te gaan over de door hen aangedragen alternatieve methode?

Het college is natuurlijk bereid om hierover in gesprek te gaan met de bewoners van de Veenkade. De voorgestelde methode van Strackee biedt echter helaas niet alle in het rapport genoemde voordelen en kent bovendien verschillende risico’s, waardoor deze geen haalbaar alternatief vormt. Dit wordt bevestigd door het onderzoek van Gemeente Amsterdam Ingenieursbureau, dat onderzoek heeft verricht naar een soortgelijk alternatief. Zie ook de beantwoording van vraag 2.

13. Is het college bereid deze schriftelijke vragen met spoed te behandelen en voor de zitting van 5 februari te beantwoorden?

Ja.

Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris, de burgemeester,
mw. A.W.H. Bertram J.J. van Aartsen

Wij staan voor:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer