Schrif­te­lijke vragen inspreken gemeente Den Haag bij hoor­zitting RTHA


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

De Partij voor de Dieren heeft vernomen dat de gemeente Den Haag, vertegenwoordigd door het hoofd van de afdeling Economie, op 24 mei 2017 heeft gesproken tijdens de provinciale “Hoorzitting advies luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport” (RTHA). De vertegenwoordiger heeft daar naar het lijkt, op aandringen van schriftelijke vragen van VVD, CDA en D66 (RIS296965[1]), “het belang van de gemeente Den Haag onder de aandacht gebracht.”

Op grond van artikel 30 van het Reglement van Orde stelt de Partij voor de Dieren de volgende vragen aan het college:

1. Kan het college bevestigen dat een ambtenaar namens de gemeente Den Haag heeft ingesproken tijdens de Hoorzitting advies luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport van 24 mei 2017?

2. Kan het college zijn standpunt op de verdere ontwikkeling van RTHA weergeven? Is het college voorstander van een uitbreiding van de luchthaven?

In het persbericht over de schriftelijke vragen op de website van de VVD[2] staat: “Het vliegveld is van groot belang voor de economie, werkgelegenheid en bereikbaarheid van Den Haag. Niet voor niks heeft de gemeente haar naam verbonden aan het vliegveld.” De schriftelijke vragen bevatten deze uitspraak ook en vervolgen haar met de zin: “De gemeente Den Haag heeft echter geen zitting in de bestuurlijke regiegroep.”

Dit heeft de gemeente danig geïnspireerd, aangezien zij in haar toespraak de volgende uitspraak deed: “Het vliegveld is van groot belang voor de economie, werkgelegenheid en bereikbaarheid van de stad. Niet voor niks heeft de gemeente haar naam verbonden aan het vliegveld. De gemeente heeft echter geen zitting in de bestuurlijke regiegroep, […].”

De partijen VVD, CDA en D66 bezetten samen 14 van de 45 gemeenteraadszetels. Hun positieve houding ten opzichte van de eventuele groei van RTHA vertegenwoordigt dus niet per definitie de visie van de gemeenteraad als geheel en vertegenwoordigt op zichzelf niet eens een meerderheid van dit democratisch gekozen orgaan.

3. Op basis van welke criteria wordt normaliter besloten in te spreken op hoorzittingen van andere bestuurslagen? Hoe wordt de daar door de gemeente te verdedigen positie vastgesteld?

4. Kan het college uitleggen waarom het besloten heeft de visie van minder dan een derde van de gemeenteraad uit te dragen, zonder deze visie eerst ter stemming te brengen?

5. Kan het college uitleggen waarom het de mening van één fractie woord voor woord heeft overgenomen in zijn toespraak?

De gemeente “ziet”, volgens de toespraak, “draagvlak voor het versterken van het zakelijke profiel van de luchthaven, binnen de huidige vergunde milieuruimte.” Tevens stelt ze: “Rotterdam The Hague Airport is van groot belang voor de Haagse economie en werkgelegenheid. Dit zal in de toekomst alleen nog maar belangrijker worden gezien de verwachte en gewenste groei van inkomende toeristen, citytrackers, zakelijke reizigers, congresbezoekers en bezoekers en werknemers van internationale bedrijven en instellingen. Een luchthaven die die vraag faciliteert […] is hierbij van groot belang.”

De groei van luchtverkeer is echter helemaal niet gewenst. In de “Energievisie Den Haag 2040” uit 2010 staat beschreven dat Den Haag in 2040 klimaatneutraal wil zijn, wat wil zeggen dat het (netto) geen broeikasgassen als CO2 uitstoot. Ook in het coalitieakkoord is deze ambitie opgenomen (p. 30). Daarnaast heeft de gemeenteraad het college opgeroepen de verplichtingen die volgen uit het in Parijs gesloten klimaatakkoord om te zetten in concrete doelstellingen[3].

Klimaatneutraal vliegverkeer is toekomstmuziek, die gebaseerd is op technologieën die nu nog in vroege stadia van ontwikkeling zijn. Binnen zeer afzienbare tijd zal vliegverkeer dan ook in volume moeten afnemen om aan de CO2-doelstellingen te voldoen. Volgens organisaties als Urgenda zal voor reizen binnen Europa de trein het zelfs helemaal van vliegtuigen over moeten nemen. RTHA vliegt vrijwel uitsluitend naar Europese bestemmingen.

De gemeente heeft tijdens de hoorzitting de diametraal tegenovergestelde visie verkondigd. Ze stelt: “Wat wel met name voor het zakelijke verkeer belangrijk is, is een snelle afwikkeling van in- en uitgaand tijd, zeg maar, inchecken, uitchecken. Daar zit, zeker op de kortere vluchten, ik noem maar even Stuttgart in Duitsland als voorbeeld, zit gewoon heel veel winst op in dat soort type bestemmingen. Dus dat is ook wat ik net aangaf, daar ligt met name de winst van deze luchthaven ten opzichte van ook een luchthaven als Schiphol.”

Uit haar doelstellingen wat klimaatneutraliteit betreft, volgt dat de gemeente niet vast zou moeten houden aan de huidige vergunde milieuruimte, maar zou moeten pleiten voor een sterk in volume en dus klimaatimpact afgenomen RTHA, waarvan de overgebleven vluchten vliegen op de schoonst denkbare technologieën. Tevens volgt hieruit dat de gemeente zou moeten pleiten voor meer binnen-Europees treinverkeer en minder vliegverkeer. Deze hoorzitting bood het college een uitstekende kans hiertoe.

6. Kan het college uitleggen wat het precies bedoelt met “het versterken van het zakelijke profiel van de luchthaven”?

7. Waarom heeft het college er niet voor gekozen in zijn toespraak op de hoorzitting de door de gemeenteraad op democratische wijze vastgestelde ambitie voor een klimaatneutrale gemeente in 2040 en de daaruit volgende praktische maatregelen ten aanzien van RTHA ten gehore te brengen?

8. Kan het college aangeven hoe ver de gemeente al is gevorderd in haar omslag naar klimaatneutraliteit en hoe de door het college gewenste ontwikkeling van RTHA daaraan bijdraagt of afdoet?

9. Kan het college aangeven of het in zijn overwegingen en berekeningen betreffende de CO2-uitstoot van de gemeente Den Haag ten behoeve van zijn klimaatneutraliteitsdoelstellingen enkel de uitstoot die binnen de gemeentegrenzen plaatsvindt meetelt, of ook regionale uitstoot door activiteiten die door de gemeente worden gefinancierd of anderszins worden ondersteund, zoals de uitstoot van het door de gemeente gefinancierde RTHA?

10. RTHA draagt niet alleen de naam van de gemeente, maar heeft inmiddels ook een ruime financiering van de gemeente mogen ontvangen[4]. Kan het college aangeven of het van mening is dat het feit dat een vliegveld de naam van de gemeente draagt, past bij de Haagse ambitie tot klimaatneutraliteit? Kan het college aangeven of het van mening is dat het feit dat de gemeente een vliegveld deels heeft gefinancierd past bij de Haagse ambitie tot klimaatneutraliteit?

11. Kan het college toezeggen dat, wanneer het in het vervolg besluit in te spreken bij hoorzittingen, het de maatregelen zal verdedigen die volgen uit zijn doelstelling om een klimaatneutrale gemeente in 2040 te zijn en de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot maximaal 1,5 °C?

Met vriendelijke groet,

Christine Teunissen
Partij voor de Dieren

[1] https://denhaag.raadsinformatie.nl/modules/4/schriftelijke vragen/393585

[2] http://www.vvddenhaag.nl/nieuws/haagse-vvd-in-de-pers-gemeente-moet-actiever-opkomen-voor-haagse-belangen-bij-rotterdam-the-hague-airport/

[3] https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/4501953/2/M_26

[4] https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/3367032/1/RIS180232

Antwoorddatum: 8 jun. 2017

Het raadslid mevrouw Teunissen heeft op 8 juni 2017 een brief met daarin 11 vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht.
Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

De Partij voor de Dieren heeft vernomen dat de gemeente Den Haag, vertegenwoordigd door het hoofd van de afdeling Economie op 24 mei 2017 heeft gesproken tijdens de provinciale “Hoorzitting advies luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport” (RTHA). De vertegenwoordiger heeft daar naar het lijkt, op aandringen van schriftelijke vragen van VVD, CDA en D66 (RIS2969651), “het belang van de gemeente Den Haag onder de aandacht gebracht”.

Op grond van artikel 30 van het Reglement van Orde stelt de Partij voor de Dieren de volgende vragen aan het college:

1. Kan het college bevestigen dat een ambtenaar namens de gemeente Den Haag heeft ingesproken tijdens de Hoorzitting advies luchthavenbesluit Rotterdam The Hague Airport van 24 mei 2017?

Ja.

2. Kan het college zijn standpunt op de verdere ontwikkeling van RTHA weergeven? Is het college voorstander van een uitbreiding van de luchthaven?

Sinds een aantal jaren is het gemeentelijk standpunt ten aanzien van RTHA als volgt:
- zakenluchthaven RTHA is van groot belang voor de internationale functies van Den Haag.
- RTHA is van belang voor de werkgelegenheid in de metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH).
- RTHA is een belangrijke vestigingsplaatsfactor voor internationaal opererende bedrijven en instellingen.
- RTHA is van belang voor inkomende passagiersstromen in verband met de groeiende belangstelling voor de metropoolregio MRDH als toeristische bestemming en als congreslocatie.
- de gemeente Den Haag is als mede-naamgever medebelanghebbend bij het functioneren van de luchthaven.
- belang van RTHA t.b.v. een goede toegankelijkheid van Den Haag via het luchtruim gezien de verwachte en gewenste groei in de gemeente van (elders uit Europa afkomstige) inkomende toeristen, zakelijke reizigers, congresbezoekers, bezoekers van internationale instituties en gezien de functie van Den Haag als bestuurlijk centrum van Nederland.
- een luchthaven die dit faciliteert, in combinatie met goede verbindingen met die luchthaven over de weg en per openbaar vervoer, acht Den Haag van groot belang.

Wij verwijzen naar RIS 296965.

In het persbericht over de schriftelijke vragen op de website van de VVD staat: “het vliegveld is van groot belang voor de economie, werkgelegenheid en bereikbaarheid van Den Haag. Niet voor niks heeft de gemeente haar naam verbonden aan het vliegveld”. De schriftelijke vragen bevatten deze uitspraak ook en vervolgen haar met de zin: “De gemeente Den Haag heeft echter geen zitting in de bestuurlijke regiegroep.”

Dit heeft de gemeente danig geïnspireerd, aangezien zij in haar toespraak de volgende uitspraak deed: “het vliegveld is van groot belang voor de economie, werkgelegenheid en bereikbaarheid van de stad. Niet voor niks heeft de gemeente haar naam verbonden aan het vliegveld. De gemeente heeft echter geen zitting in de bestuurlijke regiegroep, (…).”

De partijen VVD, CDA en D66 bezetten samen 14 van de 45 gemeenteraadszetels. Hun positieve houding ten opzichte van de eventuele groei van RTHA vertegenwoordigt dus niet per definitie de visie van de gemeenteraad als geheel en vertegenwoordigt op zichzelf niet eens een meerderheid van dit democratisch gekozen orgaan.

3. Op basis van welke criteria wordt normaliter besloten in te spreken op hoorzittingen van andere bestuurslagen? Hoe wordt de daar door de gemeente te verdedigen positie vastgesteld?

Hier zijn geen criteria voor. Het college wordt geacht de belangen van Den Haag te behartigen. Als daar noodzaak toe is dan maakt het college gebruik van de beïnvloedingsmogelijkheden die daartoe open staan.

4. Kan het college uitleggen waarom het besloten heeft de visie van minder dan een derde van de gemeenteraad uit te dragen, zonder deze visie eerst ter stemming te brengen?

Dit is niet het geval. Het college pleit voor een goed functioneren van RTHA in het kader van het economisch klimaat en de werkgelegenheid van onze stad. Een goed economisch klimaat en groei van werkgelegenheid is speerpunt uit het coalitieakkoord en gemeentebreed prioriteit.

5. Kan het college uitleggen waarom het de mening van één fractie woord voor woord heeft overgenomen in zijn toespraak?

In de betreffende toespraak is het standpunt van het college weergegeven, niet de mening van één fractie.

De gemeente “ziet”, volgens de toespraak, “draagvlak voor het versterken van het zakelijk profiel van de luchthaven, binnen de huidige vergunde milieuruimte.” Tevens stelt ze: “Rotterdam The Hague Airport is van groot belang voor de Haagse economie en werkgelegenheid. Dit zal in de toekomst alleen nog maar belangrijker worden gezien de verwachte en gewenste groei van inkomende toeristen, citytrackers, zakelijke reizigers, congresbezoekers en bezoekers en werknemers van internationale bedrijven en instellingen. Een luchthaven die die vraag faciliteert (…) is hierbij van groot belang.”

De groei van luchtverkeer is echter helemaal niet gewenst. In de “Energievisie Den Haag 2040” uit 2010 staat beschreven dat Den Haag in 2040 klimaatneutraal wil zijn, wat wil zeggen dat het (netto) geen broeikasgassen als CO2 uitstoot. Ook in het coalitieakkoord is deze ambitie opgenomen (p.30). daarnaast heeft de gemeenteraad het college opgeroepen de verplichtingen die volgen uit het in Parijs gesloten klimaatakkoord om te zetten in concrete doelstellingen.

Klimaatneutraal vliegverkeer is toekomstmuziek, die gebaseerd is op technologieën die nu nog in vroege stadia van ontwikkeling zijn. Binnen zeer afzienbare tijd zal vliegverkeer dan ook in volume moeten afnemen om aan de CO2-doelstellingen te voldoen. Volgens organisaties als Urgenda zal voor reizen binnen Europa de trein het zelfs helemaal van vliegtuigen over moeten nemen. RTHA vliegt vrijwel uitsluitend naar Europese bestemmingen.

De gemeente heeft tijdens de hoorzitting de diametraal tegenovergestelde visie verkondigd. Ze stelt: “Wat wel met name voor het zakelijke verkeer belangrijk is, is een snelle afwikkeling van in- en uitgaand tijd, zeg maar, inchecken, uitchecken. Daar zit, zeker op de kortere vluchten, ik noem maar even Stuttgart in Duitsland als voorbeeld, gewoon heel veel winst op in dat soort type bestemmingen. Dus dat is ook wat ik net aangaf, daar ligt met name de winst van deze luchthaven ten opzichte van ook een luchthaven als Schiphol.”

Uit haar doelstellingen wat klimaatneutraliteit betreft, volgt dat de gemeente niet vast zou moeten houden aan de huidige vergunde milieuruimte, maar zou moeten pleiten voor een sterk in volume en dus klimaatimpact afgenomen RTHA, waarvan de overgebleven vluchten vliegen op de schoonst denkbare technologieën. Tevens volgt hieruit dat de gemeente zou moeten pleiten voor meer binnen-Europees treinverkeer en minder vliegverkeer. Deze hoorzitting bood het college een uitstekende kans hiertoe.

6. Kan het college uitleggen wat het precies bedoelt met “het versterken van het zakelijk profiel van de luchthaven”?

Zie antwoord vraag 2.

7. Waarom heeft het college er niet voor gekozen in zijn toespraak op de hoorzitting de door de gemeenteraad op democratische wijze vastgestelde ambitie voor een klimaatneutrale gemeente in 2040 en de daaruit volgende praktische maatregelen ten aanzien van RTHA ten gehore te brengen?

De gemeente Den Haag streeft meerdere doelstellingen na. De versterking van het economisch klimaat en de werkgelegenheid is gemeentebreed speerpunt. Een goede toegankelijkheid via de lucht van Den Haag als internationale stad, residentie van het land, toeristisch centrum en stad met vele internationale congressen is hierbij cruciaal. Wij streven ernaar dat RTHA , binnen de toegestane geluidsruimte, prioriteit geeft aan de doelgroepen die voor Den Haag economisch interessant zijn.

8. Kan het college aangeven hoe ver de gemeente al is gevorderd in haar omslag naar klimaatneutraliteit en hoe de door het college gewenste ontwikkeling van RTHA daaraan bijdraagt of afdoet?

Zie antwoord vraag 7.

9. Kan het college aangeven of het in zijn overwegingen en berekeningen betreffende de CO2-uitstoot van de gemeente Den Haag ten behoeve van zijn klimaatneutraliteitsdoelstellingen enkel de uitstoot die binnen de gemeentegrenzen plaatsvindt meetelt, of ook regionale uitstoot door activiteiten die door de gemeente worden gefinancierd of anderszins worden ondersteund, zoals de uitstoot van het door de gemeente gefinancierde RTHA?

Rotterdam en Den Haag werken op tal van punten samen binnen de metropoolregio MRDH. Lokale klimaatdoelstellingen (en hoe die te bereiken) bepaalt elke gemeente echter zelf. Regionale activiteiten tellen in deze doelstelling niet mee. Zie de Haagse ambitie om in 2040 een CO2 neutrale stad te zijn in de Energievisie Den Haag (RIS 180175).

10. RTHA draagt niet alleen de naam van de gemeente, maar heeft inmiddels ook een ruime financiering van de gemeente mogen ontvangen. Kan het college aangeven of het van mening is dat het feit dat een vliegveld de naam van de gemeente draagt, past bij de Haagse ambitie tot klimaatneutraliteit? Kan het college aangeven of het van mening is dat het feit dat de gemeente een vliegveld deels heeft gefinancierd past bij de Haagse ambitie tot klimaatneutraliteit?

Het besluit van het college destijds om te investeren in de naamgeving van RTHA is ingegeven om het Haagse internationale profiel te versterken. Het versterken van het internationale profiel van Den Haag past uitstekend in ons streven naar versterking van het economisch klimaat en de werkgelegenheid van onze internationale stad, regeringscentrum en stad met vele internationale congressen.

11. Kan het college toezeggen dat, wanneer het in het vervolg besluit in te spreken bij hoorzittingen, het de maatregelen zal verdedigen die volgen uit zijn doelstelling om een klimaatneutrale gemeente in 2040 te zijn en de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot maximaal 1,5 °C?

Nee. Het college wijst erop dat het meerdere doelstellingen heeft na te streven en dat deze zoveel als mogelijk in lijn met elkaar worden uitgevoerd. Dit houdt in dat de ambities met betrekking tot de luchthaven niet strijdig mogen zijn met andere ambities van de gemeente zoals bijvoorbeeld op het gebied van duurzaamheid en dat Den Haag er daarom bij de provincie voor heeft gepleit om binnen de vergunde milieuruimte van RTHA te komen tot een kwalitatieve groei.

Het college van burgemeester en wethouders,

de secretaris, de locoburgemeester,

Annet Bertram

Saskia Bruines