Schrif­te­lijke vragen - Opvang vergeten slacht­offers huiselijk geweld


Den Haag, 23 september 2015

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Drie op de vijf gezinnen in Nederland heeft een huisdier. Als lid van het gezin is het huisdier voor vele huishoudens onmisbaar als steun en toeverlaat. Niet in ieder gezin gaat alles goed. In Nederland worden ongeveer 200.000 personen slachtoffer van ernstig herhaald huiselijk geweld. Uit een onderzoek van 2012 blijkt dat in 55% van de gevallen de geweldplegers huisdieren meerdere malen hebben mishandeld of het dier zelfs hebben gedood.[1] Onlangs zijn de resultaten van een pilot onderzoek ‘Blijf van mijn Dier’ gepresenteerd. Bij de presentatie van de onderzoeksresultaten bleek het project een waar succes te zijn. [2][3] Een soortgelijk initiatief in Engeland ‘Paws For Kids’ blijkt al meer dan zestien jaar succesvol[4].

Onder verwijzing naar artikel 30 van het Reglement van Orde stelt ondergetekende de volgende vragen:

1. Bent u bekend met de berichtgeving over het succesvolle pilot project ‘Blijf van mijn Dier’ van International Fund for Animal Welfare (IFAW) in samenwerking met Kadera aanpak huiselijk geweld?[2][3]

Huisdieren zijn vaak het vergeten slachtoffer van huiselijk geweld. Door de mens-dier relatie die een gezin heeft met het huisdier vluchten slachtoffers van huiselijk geweld minder snel weg bij huis, dan wanneer er geen huisdier aanwezig is. Ruim 41% van de slachtoffers heeft aangegeven eerder te zijn gevlucht als zij hadden geweten dat er voor het huisdier ook een oplossing was.[1]

2. Erkent het college de rol van huisdieren in de problematiek van huiselijk geweld? Zowel de slachtofferrol als de reden van het niet durven vluchten uit huis zonder het huisdier? Zo nee, waarom niet?

3. Deelt het college de mening van de Partij voor de Dieren dat slachtoffers van huiselijk geweld, waaronder huisdieren, opgevangen zouden moeten worden, ook bij crisisopnames? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?

Slachtoffers van huiselijk geweld kunnen hun huisdier niet meenemen naar een opvang. Door ‘Blijf van mijn Dier’ zijn er opvangadressen beschikbaar voor huisdieren. Deze opvanggezinnen werken op vrijwillige basis mee aan het initiatief. Het project brengt kosten met zich mee. De opgevangen dieren zijn vaak al lange tijd niet bij een dierenarts geweest in verband met het gevaar dat het huiselijk geweld ontdekt kan worden. Hierdoor kunnen er veel medische kosten zijn. Voor het pilotonderzoek heeft de gemeente Zwolle in 2014 een bedrag van 15.000 euro beschikbaar gesteld, ter ondersteuning van dit initiatief.[5]

4. Hoeveel geld is er in de gemeente Den Haag beschikbaar voor de aanpak van huiselijk geweld?

5. Is het college bereid te onderzoeken hoeveel financiële middelen nodig zijn voor de steun van huisdieren die slachtoffer zijn van huiselijk geweld in Den Haag? Zo nee, waarom niet?

6. Is het college bereid financiële middelen beschikbaar te stellen voor het initiatief ‘Blijf van mijn Dier’? Zo ja, hoeveel, zo nee waarom niet?

7. Is het college bereid om in overleg te treden met het IFAW en Haagse opvangorganisaties voor huiselijk geweld om erop aan te dringen dat huisdieren standaard worden opgenomen bij de intakegesprekken? Is het college bereid het voorbeeld van de gemeente Zwolle te volgen en het initiatief ‘Blijf van mijn Dier’ ook te starten in Den Haag? Zo nee, waarom niet? Zo ja, binnen welke termijn?

Met vriendelijke groet,

Christine Teunissen
Fractievoorzitter Partij voor de Dieren Den Haag

[1] http://www.kadera.nl/upload/userfiles/1/files/HuiselijkGeweldEnDierenmishandelingInNederland_web.pdf
[2] http://www.rtlnieuws.nl/nieuws/binnenland/ik-bleef-bij-mijn-gewelddadige-ex-voor-de-hond
[3] http://www.ad.nl/ad/nl/1040/Den-Haag/article/detail/4141137/2015/09/13/Blijf-van-mijn-Dier-helpt-vrouwen-bij-hun-vlucht.dhtml
[4] http://www.pawsforkids.org.uk/
[5] https://www.zwolle.nl/actueel/nieuws/subsidie-voor-eilean-en-blijf-van-mijn-dier

Antwoorddatum: 1 dec. 2015

Het raadslid mevrouw Teunissen heeft op 23 september 2015 een brief met daarin zeven vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.


1. Bent u bekend met de berichtgeving over het succesvolle pilot project ‘Blijf van mijn Dier’ van International Fund for Animal Welfare (IFAW) in samenwerking met Kadera aanpak huiselijk geweld?

Ja.

Huisdieren zijn vaak het vergeten slachtoffer van huiselijk geweld. Door de mens-dier relatie die een gezin heeft met het huisdier vluchten slachtoffers van huiselijk geweld minder snel weg bij huis, dan wanneer er geen huisdier aanwezig is. Ruim 41% van de slachtoffers heeft aangegeven eerder te zijn gevlucht als zij hadden geweten dat er voor het huisdier ook een oplossing was.

2. Erkent het college de rol van huisdieren in de problematiek van huiselijk geweld? Zowel de slachtofferrol als de reden van het niet durven vluchten uit huis zonder het huisdier? Zo nee, waarom niet?

Ja.

3. Deelt het college de mening van de Partij voor de Dieren dat slachtoffers van huiselijk geweld, waaronder huisdieren, opgevangen zouden moeten worden, ook bij crisisopnames? Zo ja, op welke manier? Zo nee, waarom niet?

Ja. Stichting Wende werkt samen met ‘Blijf van mijn dier’.

Slachtoffers van huiselijk geweld kunnen hun huisdier niet meenemen naar een opvang. Door ‘Blijf van mijn Dier’ zijn er opvangadressen beschikbaar voor huisdieren. Deze opvanggezinnen werken op vrijwillige basis mee aan het initiatief. Het project brengt kosten met zich mee. De opgevangen dieren zijn vaak al lange tijd niet bij een dierenarts geweest in verband met het gevaar dat het huiselijk geweld ontdekt kan worden. Hierdoor kunnen er veel medische kosten zijn. Voor het pilotonderzoek heeft de gemeente Zwolle in 2014 een bedrag van 15.000 euro beschikbaar gesteld, ter ondersteuning van dit initiatief.

4. Hoeveel geld is er in de gemeente Den Haag beschikbaar voor de aanpak van huiselijk geweld?

De gemeente Den Haag zet, naast de rijksmiddelen die zij voor de aanpak in de regio Den Haag ontvangt, in 2016 een bedrag van circa 2 mln. euro in. De middelen worden gebruikt voor residentiele opvang, Veilig Thuis Haaglanden, inzet van het huisverbod, inzet van de GGD Haaglanden enzovoort.

5. Is het college bereid te onderzoeken hoeveel financiële middelen nodig zijn voor de steun van huisdieren die slachtoffer zijn van huiselijk geweld in Den Haag? Zo nee, waarom niet?

Ja, indien blijkt dat onderzoek nodig is omdat de opvang problematisch verloopt.

6. Is het college bereid financiële middelen beschikbaar te stellen voor het initiatief ‘Blijf van mijn Dier’? Zo ja, hoeveel, zo nee waarom niet?

De uitkomsten van het onderzoek zullen inzichtelijk maken of dit noodzakelijk is en hoeveel financiële middelen nodig zijn om te voorzien in de kosten voor de opvang. De afweging om al dan niet middelen beschikbaar te stellen volgt op het onderzoek.

7. Is het college bereid om in overleg te treden met het IFAW en en Haagse opvangorganisaties voor huiselijk geweld om erop aan te dringen dat huisdieren standaard worden opgenomen bij de intakegesprekken? Is het college bereid het voorbeeld van de gemeente Zwolle te volgen en het initiatief ‘Blijf van mijn Dier’ ook te starten in Den Haag? Zo nee, waarom niet? Zo ja, binnen welke termijn?

Indien bij een intake blijkt dat de opvang van een dier tot zorgen bij het slachtoffer leidt, wordt er standaard met het slachtoffer naar een oplossing gezocht. In de gemeente Den Haag wordt vanuit Stichting Wende daar al met ‘Blijf van mijn dier’ voor samengewerkt. Wanneer blijkt dat de opvang van dieren bij huiselijk geweld tot knelpunten leidt, zal met Stichting Wende naar een passende oplossing worden gezocht. In dat geval zal indien nodig ook contact opgenomen worden met het IFAW.

Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris, de burgemeester,
mw. A.W.H. Bertram J.J. van Aartsen