Schrif­te­lijke vragen over het oplaten van ballonnen door Haags College B&W


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Op 23 september j.l. heeft de wethouder BSKB de nieuwe fontein op het Anna van Buerenplein geopend. Deze officiële gelegenheid ging gepaard met het oplaten van ballonnen.[1] Helaas kleven aan het oplaten van ballonnen ook nadelen. Sierlinten, afsluiters, ventielen en ballonplastic zijn verder veel voorkomende voorbeelden van zwerfafval op onze stranden en veroorzaken mede plastic soup. Deze resten vormen zwerfafval waarin dieren verstrikt kunnen raken of zelfs opgegeten kan worden door dieren. De dieren zoals vogels, vissen en zeeschildpadden spoelen nu veelal aan verstrikt in de touwen of met verstopte maag en darmen door de rondzwervende ballonnen. Er zijn diverse organisatie die het oplaten van ballonnen inmiddels afraden, zo ook de Wageningen Universiteit.[2]

Onder verwijzing naar artikel 30 van het Reglement van Orde stelt ondergetekende de volgende vragen:

1. Wist het college op voorhand dat er bij de officiële ingebruikname van de nieuwe fontein op het Anna van Buerenplein sprake zou zijn van het oplaten van ballonnen en heeft de gemeente financieel bijgedragen aan het oplaten van deze ballonnen?

2. Het college heeft een voorbeeldfunctie richting de inwoners van Den Haag. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het oplaten van ballonnen niet past bij een gemeente die zwerfafval wil tegengaan en duurzame ambities heeft? Zo nee, waarom niet?

3. Is het college bereid om voortaan bij door, of namens de gemeente georganiseerde activiteiten geen ballonnen meer op te laten? Zo nee, waarom niet?

4. Is het college, met de Partij voor de Dieren, van mening dat het oplaten van ballonnen schadelijk is voor dieren en zorgt voor een toename van zwerfvuil en de plastic soup? Zo nee, waarom niet?

De Tweede Kamer heeft in 2014 een motie aangenomen waarin zij oproept om het oplaten van ballonnen actief te ontmoedigen[3].

5. Is het college bekend met deze motie?

Andere gemeenten, zoals Amsterdam en Breda, geven al invulling aan actief ontmoedigingsbeleid[4]. Zo laat de gemeente Amsterdam[5] geen ballonnen meer op bij evenementen die (mede) door de gemeente worden georganiseerd. Verder maakt de gemeente burgers en bedrijven bewust van het feit dat het oplaten van ballonnen afval veroorzaakt en uiteindelijk dierenleed tot gevolg heeft. Als vereiste bij evenementen stelt de gemeente Amsterdam dat het niet is toegestaan om (opblaas)ballonnen op te laten of aan bezoekers uit te reiken.

6. Is het college, in navolging van andere gemeenten, ook bereid een actief ontmoedigingsbeleid te voeren? Zo nee, waarom niet?


Christine Teunissen
Partij voor de Dieren Den Haag

[1] http://denhaagfm.nl/2016/09/25/nieuwe-fontein-op-anna-van-buerenplein-in-gebruik-genomen-fotoserie/

[2] http://www.wur.nl/nl/show/Ballonnen-oplaten-of-ophangen.htm

[3] https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-30872-177.html

[4] http://www.dieballongaatnietop.nl/gemeentelijke-aanpak/

[5] https://www.amsterdam.nl/nieuwsarchief/nieuws/2015/maart/ballonnen-gemeente/

Antwoorddatum: 25 okt. 2016

Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

Op 23 september j.l. heeft de wethouder BSKB de nieuwe fontein op het Anna van Buerenplein geopend. Deze officiële gelegenheid ging gepaard met het oplaten van ballonnen. Helaas kleven aan het oplaten van ballonnen ook nadelen. Sierlinten, afsluiters, ventielen en ballonplastic zijn verder veel voorkomende voorbeelden van zwerfafval op onze stranden en veroorzaken mede plastic soup. Deze resten vormen zwerfafval waarin dieren verstrikt kunnen raken of zelfs opgegeten kan worden door dieren. De dieren zoals vogels, vissen en zeeschildpadden spoelen nu veelal aan verstrikt in de touwen of met verstopte maag en darmen door de rondzwervende ballonnen. Er zijn diverse organisaties die het oplaten van ballonnen inmiddels afraden, zo ook de Wageningen Universiteit.

1. Wist het college op voorhand dat er bij de officiële ingebruikname van de nieuwe fontein op het Anna van Buerenplein sprake zou zijn van het oplaten van ballonnen en heeft de gemeente financieel bijgedragen aan het oplaten van deze ballonnen?

Nee. Het oplaten van ballonnen tijdens de officiële ingebruikname van de fontein op het Anna van Buerenplein was een spontane actie van de instanties rondom het plein. De gemeente was hiervan op voorhand niet op de hoogte en heeft hier ook niet financieel aan bijgedragen.

2. Het college heeft een voorbeeldfunctie richting de inwoners van Den Haag. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het oplaten van ballonnen niet past bij een gemeente die zwerfafval wil tegengaan en duurzame ambities heeft? Zo nee, waarom niet?

Ja.

3. Is het college bereid om voortaan bij door, of namens de gemeente georganiseerde activiteiten geen ballonnen meer op te laten? Zo nee, waarom niet?

Het college is bereid om geen ballonnen meer op te laten bij evenementen die door de gemeente georganiseerd worden.

4. Is het college, met de Partij voor de Dieren, van mening dat het oplaten van ballonnen schadelijk is voor dieren en zorgt voor een toename van zwerfvuil en de plastic soup? Zo nee, waarom niet?

Ja.

De Tweede Kamer heeft in 2014 een motie aangenomen waarin zij oproept om het oplaten van ballonnen actief te ontmoedigen.

5. Is het college bekend met deze motie?

Ja.

Andere gemeenten, zoals Amsterdam en Breda, geven al invulling aan actief ontmoedigingsbeleid. Zo laat de gemeente Amsterdam geen ballonnen meer op bij evenementen die (mede) door de gemeente worden georganiseerd. Verder maakt de gemeente burgers en bedrijven bewust van het feit dat het oplaten van ballonnen afval veroorzaakt en uiteindelijk dierenleed tot gevolg heeft. Als vereiste bij evenementen stelt de gemeente Amsterdam dat het niet is toegestaan om (opblaas)ballonnen op te laten of aan bezoekers uit te reiken.

6. Is het college, in navolging van andere gemeenten, ook bereid een actief ontmoedigingsbeleid te voeren? Zo nee, waarom niet?

Zie beantwoording vraag 3. Daarnaast vindt het college het creëren van bewustwording over het belang van een schone stad en het voorkomen van zwerfafval belangrijk. Daarom zijn medewerkers van de gemeente dagelijks actief om betrokkenheid te bevorderen bij bewoners en ondernemers. Hiervoor wordt regelmatig samengewerkt met onder andere TrashUre Hunt, een non-gouvernementele organisatie die behoud en herstel van het milieu voorop heeft staan en deze boodschap ook communiceert bij (opruim)acties. TrashUre Hunt ontving in augustus dit jaar de stimuleringsprijs bij de Schoonste Stranden Verkiezing.

Het college van burgemeester en wethouders,
de secretaris, de burgemeester,
mw. A.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer