Schrif­te­lijke vragen PFAS in Haagse bodem


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

PFAS zijn door de mens gemaakte stoffen die van nature niet in het milieu voorkomen. Voorbeelden van PFAS zijn GenX, PFOA perfluoro octanoic acid en PFOS perfluoroctaansulfonaten. PFAS zijn in veel producten toegepast. Door de productie en ook door emissies en incidenten, zijn deze stoffen in het milieu terecht gekomen en zitten nu onder andere in de bodem, in bagger en in het oppervlaktewater[1]. De NOS schrijft dat sinds 1 oktober in natuur- en landbouwgrond niet meer dan 0,1 microgram PFAS per kilo mag zitten. Dit kan ervoor zorgen dat grond, slib of zand nauwelijks mag worden afgegraven en vervoerd als het boven die norm uitkomt. Dat leidt onder meer tot vertraging bij bouwprojecten[2].’ De toenmalig staatssecretaris van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat vraagt in het Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie[3] de betrokken overheden het advies om deze problematiek proactief op te pakken.

Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid Robin Smit, Partij voor de Dieren de volgende vragen:

  1. Klopt het dat de gemeente Den Haag nog geen lokaal beleid heeft op het gebied van PFAS? Wordt dit momenteel wel opgesteld? Zo ja, wanneer kan dit worden gedeeld met de raad? Zo nee, waarom niet?
  2. Zal het college de bodemkwaliteitskaart van Den Haag gaan updaten?

In een brief vraagt het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de decentrale overheden in hun beheersgebied metingen te doen volgens de meetstrategie uit het handelingskader en die aan te leveren aan het RIVM.

  1. Worden deze metingen in Den Haag al uitgevoerd? Zo ja, kunnen deze resultaten ook met de raad worden gedeeld? Zo nee, wanneer zullen deze plaatsvinden?

Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat adviseert dringend om tot de vaststelling van de interventiewaarde voor PFOA, PFOS en GenX geen nieuw lokaal beleid vast te stellen met normen hoger dan de toepassingsnormen die in het tijdelijk handelingskader[4]zijn vastgelegd. Deze normen zijn vastgesteld door het RIVM.[5]

  1. Is het college voornemens zich aan dit advies van de staatssecretaris te houden en geen hogere normen vast te leggen dan in het handelingskader zijn vastgelegd?
  2. Wat zullen de gevolgen van de nieuwe PFAS-normen zijn voor Haagse projecten? Is het college bereid om dit duidelijk in kaart te brengen en te delen met de raad?
  3. Wat zullen de gevolgen van de nieuwe PFAS-normen zijn voor de werkwijze rond vergunningsverstrekkingen?

In de nota Bodembeheer Den Haag (RIS260571) staat dat in de bodemkwaliteitszone B6 (Kuststrook, Kijkduin, Ockenburg, Oostduin) en in door de provincie en de gemeente aangewezen waardevolle natuurgebieden (onder andere de ecologische verbindingszones), alleen maar schone grond mag worden toegepast. Dit vanuit het oogpunt van natuurbescherming.

  1. Wat heeft het handelingskader van invloed op deze uitspraak?
  2. Wat betekent dit uitgangspunt en het handelingskader voor nu uit te voeren projecten in Bodemkwaliteitszone B6, bijvoorbeeld bij het onderhoud aan de kustlijn en de duinen?
  3. Heeft het handelingskader invloed o het (her)planten van bomen? Deze worden namelijk vaak met kluit (en dus grond) vervoerd.

Wat betreft vergunningen stelt het handelingskader dat het voor PFAS verstandig is als bevoegde gezagen reeds afgegeven vergunningen voor bedrijven die mogelijk PFAS toepassen in het productieproces doorlichten om na te gaan of PFAS in een productieproces gebruikt worden en zo ja, of PFAS in emissies, lozingen of afvalstromen voorkomen. Tevens is het verstandig om na te gaan of (nog steeds) de best beschikbare technieken worden toegepast om emissies te minimaliseren.

  1. Vinden er in Den Haag productieprocessen plaats waarbij PFAS voorkomt in emissies, lozingen of afvalstromen? Zo ja, is het college van plan om na te gaan of de beste technieken worden toegepast om emissies te minimaliseren?
  2. Is het college voornemens om productieprocessen door te lichten op het gebruik en het vrijkomen van PFAS bij het afgeven van vergunningen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe is het college van plan dit te gaan handhaven?

Een aantal gemeenten wachten niet op nieuwe landelijke PFAS-regels. In plaats daarvan hebben ze op eigen initiatief de norm flink versoepeld, of zijn bezig dit te doen.[6] Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) laat weten dat in het hele land wordt gezocht naar mogelijkheden om op lokaal niveau de strenge PFAS-norm te versoepelen.

  1. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het met het oog op natuurbescherming onwenselijk is om de PFAS-normen te versoepelen en daarmee niet te voldoen aan de adviezen van het RIVM? Zo nee, waarom niet?

Robin Smit
Partij voor de Dieren

[1] https://www.rivm.nl/pfas

[2] https://nos.nl/artikel/2308186-pfas-van-wonderspul-in-de-anti-aanbakpan-naar-giftig-zorgenkind.html

[3] https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2019/07/08/handelingskader-voor-hergebruik-van-pfas-houdende-grond-en-baggerspecie

[4] https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/07/08/tijdelijk-handelingskader-voor-hergebruik-van-pfas-houdende-grond-en-baggerspecie

[5] https://www.rivm.nl/sites/default/files/2019-04/Notitie%20mogelijkheden%20onderbouwing%20landelijke%20normen%20PFAS_0.pdf

[6] https://www.bnr.nl/nieuws/binnenland/10393600/gemeenten-omzeilen-strenge-pfas-regels

Antwoorddatum: 17 dec. 2019

Het raadslid de heer Smit heeft op 5 november 2019 een brief met daarin twaalf vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht. Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

PFAS zijn door de mens gemaakte stoffen die van nature niet in het milieu voorkomen. Voorbeelden van PFAS zijn GenX, PFOA perfluoro octanoic acid en PFOS perfluoroctaansulfonaten. PFAS zijn in veel producten toegepast. Door de productie en ook door emissies en incidenten, zijn deze stoffen in het milieu terecht gekomen en zitten nu onder andere in de bodem, in bagger en in het oppervlaktewater. De NOS schrijft dat sinds 1 oktober in natuur- en landbouwgrond niet meer dan 0,1 microgram PFAS per kilo mag zitten. Dit kan ervoor zorgen dat grond, slib of zand nauwelijks mag worden afgegraven en vervoerd als het boven die norm uitkomt. Dat leidt onder meer tot vertraging bij bouwprojecten.’ De toenmalig staatssecretaris van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat vraagt in het Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie de betrokken overheden het advies om deze problematiek proactief op te pakken.

1. Klopt het dat de gemeente Den Haag nog geen lokaal beleid heeft op het gebied van PFAS? Wordt dit momenteel wel opgesteld? Zo ja, wanneer kan dit worden gedeeld met de raad? Zo nee, waarom niet?

Dat klopt. De gemeente Den Haag volgt de landelijke regelgeving rond PFAS (het tijdelijk handelingskader). Onderdeel van de lokale bijdrage hieraan, betreft het vaststellen van achtergrondniveaus in de vorm van een bodemkwaliteitskaart voor PFAS. De verwachting is dat deze bodemkwaliteitskaart voor Den Haag begin 2020 gereed is. Deze zal met de raad worden gedeeld.

2. Zal het college de bodemkwaliteitskaart van Den Haag gaan updaten?

Zie het antwoord op vraag 1.

In een brief vraagt het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de decentrale overheden in hun beheersgebied metingen te doen volgens de meetstrategie uit het handelingskader en die aan te leveren aan het RIVM.

3. Worden deze metingen in Den Haag al uitgevoerd? Zo ja, kunnen deze resultaten ook met de
raad worden gedeeld? Zo nee, wanneer zullen deze plaatsvinden?

Ja, er worden op dit moment al metingen uitgevoerd in het kader van grondverzet. Verder worden metingen voorbereid in het kader van de bodemkwaliteitskaart voor PFAS. De resultaten hiervan en de (aanvullende) bodemkwaliteitskaart voor PFAS zullen gelijktijdig met de raad worden gedeeld.

Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat adviseert dringend om tot de vaststelling van de interventiewaarde voor PFOA, PFOS en GenX geen nieuw lokaal beleid vast te stellen met normen hoger dan de toepassingsnormen die in het tijdelijk handelingskader zijn vastgelegd. Deze normen zijn vastgesteld door het RIVM.

4. Is het college voornemens zich aan dit advies van de staatssecretaris te houden en geen hogere normen vast te leggen dan in het handelingskader zijn vastgelegd?

Ja, tot de vaststelling van deze interventiewaarden hanteert de gemeente Den Haag het handelingskader. Nu dit handelingskader geactualiseerd is per 28 november 2019, hanteert de gemeente Den Haag de door het Rijk geactualiseerde PFAS-norm.

5. Wat zullen de gevolgen van de nieuwe PFAS-normen zijn voor Haagse projecten? Is het college bereid om dit duidelijk in kaart te brengen en te delen met de raad?

Om de gevolgen voor Haagse projecten in beeld te brengen, is er nu nog te weinig informatie beschikbaar over de Haagse bodemkwaliteit in relatie tot PFAS. Zie ook het antwoord op vraag 3.

6. Wat zullen de gevolgen van de nieuwe PFAS-normen zijn voor de werkwijze rond vergunningsverstrekkingen?

Een gevolg hiervan is, dat bij een vergunningaanvraag in het kader van bodemonderzoek ook op PFAS moet worden geanalyseerd, naast de al standaard analysepakketten. Daardoor duurt een dergelijke analyse nu langer. Het proces rondom vergunningverleningen verandert verder niet wezenlijk.

In de nota Bodembeheer Den Haag (RIS260571) staat dat in de bodemkwaliteitszone B6 (Kuststrook, Kijkduin, Ockenburg, Oostduin) en in door de provincie en de gemeente aangewezen waardevolle natuurgebieden (onder andere de ecologische verbindingszones), alleen maar schone grond mag worden toegepast. Dit vanuit het oogpunt van natuurbescherming.

7. Wat heeft het handelingskader van invloed op deze uitspraak?

Door het tijdelijk handelingskader is PFAS medebepalend bij de analyse of de grond schoon is.

8. Wat betekent dit uitgangspunt en het handelingskader voor nu uit te voeren projecten in Bodemkwaliteitszone B6, bijvoorbeeld bij het onderhoud aan de kustlijn en de duinen?

Onderhoud aan de kustlijn en duinen kan normaal worden uitgevoerd, het eventueel aanbrengen van extra grond of zand mag alleen als wordt voldaan aan de achtergrondwaarde. Ook binnen zone B6 mag alleen schone grond worden toegepast. Voor de stoffengroep PFAS betekent dit grond met concentraties kleiner of gelijk aan de normering voor PFAS uit het tijdelijk handelingskader.

9. Heeft het handelingskader invloed op het (her)planten van bomen? Deze worden namelijk vaak met kluit (en dus grond) vervoerd.

Ja. Voordat een boom geplant wordt in de stad, is het noodzakelijk dat de bodem geschikt wordt gemaakt voor een duurzame groei van de nieuwe boom. De aan- en afvoer vindt plaats via een gecontracteerde grondleverancier, die gehouden is aan het handelingskader. Op dit moment kan de grondleverancier de Haagse grond nog ontvangen. Gezien de zeer beperkte hoeveelheid grond van de wortelkluit is het op dit moment gewenst en mogelijk om binnen de interpretatie van de regelgeving de bomen aan te blijven planten in Den Haag. Bovendien wordt grond van de wortelkluit bij het planten van bomen niet beschouwd, als het toepassen van grond waarop alle regels uit het Besluit bodemkwaliteit van toepassing zijn.

Wat betreft vergunningen stelt het handelingskader dat het voor PFAS verstandig is als bevoegde gezagen reeds afgegeven vergunningen voor bedrijven die mogelijk PFAS toepassen in het productieproces doorlichten om na te gaan of PFAS in een productieproces gebruikt worden en zo ja, of PFAS in emissies, lozingen of afvalstromen voorkomen. Tevens is het verstandig om na te gaan of (nog steeds) de best beschikbare technieken worden toegepast om emissies te minimaliseren.

10. Vinden er in Den Haag productieprocessen plaats waarbij PFAS voorkomt in emissies, lozingen of afvalstromen? Zo ja, is het college van plan om na te gaan of de beste technieken worden toegepast om emissies te minimaliseren?

Er zijn op dit moment in Den Haag geen productieprocessen bekend, waarbij PFAS vrijkomt. Er is bovendien eerst meer (landelijk) inzicht nodig in hoe PFAS in de grond komt, zoals ook het Expertisecentrum PFAS aangeeft. Pas als deze kennis verkregen is, is het mogelijk om zo nodig productieprocessen en technieken rondom PFAS te optimaliseren en daarmee emissies te minimaliseren.

11. Is het college voornemens om productieprocessen door te lichten op het gebruik en het vrijkomen van PFAS bij het afgeven van vergunningen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe is het college van plan dit te gaan handhaven?

Zie de beantwoording van vraag 10.

Een aantal gemeenten wachten niet op nieuwe landelijke PFAS-regels. In plaats daarvan hebben ze op eigen initiatief de norm flink versoepeld, of zijn bezig dit te doen. Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) laat weten dat in het hele land wordt gezocht naar mogelijkheden om op lokaal niveau de strenge PFAS-norm te versoepelen.

12. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens dat het met het oog op natuurbescherming onwenselijk is om de PFAS-normen te versoepelen en daarmee niet te voldoen aan de adviezen van het RIVM? Zo nee, waarom niet?

Wij volgen de landelijke regelgeving, waaronder de adviezen van het RIVM rondom PFAS-normering. Indien de Haagse situatie aanleiding geeft hier anders mee om te gaan, dan wordt de raad hierover geïnformeerd.

Het college van burgemeester en wethouders,

de wnd. secretaris,
Dineke ten Hoorn Boer

de wnd. burgemeester,
Johan Remkes