Schrif­te­lijke vragen Uitsluiting van Het Groene Consortium


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Op 31 mei werd bekend dat Het Groene Consortium is uitgesloten van het biedingsproces aangaande de verkoop door gemeenten van Eneco. Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stellen de raadsleden Robert Barker, Partij voor de Dieren, Joris Wijsmuller, Haagse Stadspartij, Martijn Balster, PvdA, Pieter Grinwis, CU/SGP, Adeel Mahmood, Nida, Hanne Drost, SP en Danielle Koster, CDA, hierover de volgende vragen:

1) Kan het college aangeven waarom Het Groene Consortium van een bieding is uitgesloten? Op welk criterium is het consortium afgewezen?

2) Hoeveel partijen mogen nu wel een bieding doen?

3) Kan het college bevestigen dat deze duurzame koper voor de sluitingsdatum van het niet-bindende bod al rond 3 miljard aan eigen vermogen beschikbaar heeft om een bieding te doen?

4) Door het consortium is aangegeven dat ze zijn uitgesloten op basis van eisen die tijdens het verkoopproces, dus na de inschrijving, zijn verhoogd. Welke eisen zijn bij aanvang van het proces aan de potentiële kopers gecommuniceerd? En welke uitsluitingsgronden? We ontvangen graag de concrete formulering van de eisen.

5) Welke eisen zijn door City Group aan het consortium gesteld? We ontvangen graag de concrete formulering van de eisen. Kan het college op de verschillen reageren?

6) Klopt het dat dit consortium is uitgesloten op basis van het feit dat zij niet tijdig genoeg eigen vermogen beschikbaar had, terwijl deze eis niet eerder voor dat moment in het proces zou gelden? Kan het college toelichten in hoeverre dit afwijkt van de richting gemeenteraden verzonden informatie?

7) Is het college bereid om, in samenspraak met de andere aandeelhouders, Het Groene Consortium alsnog toe te laten tot het biedings- en onderhandelingsproces?

8) Wij hebben begrepen dat Den Haag Fossielvrij de mogelijkheid is ontzegd om deel te zijn van een consortium omdat ze zelf onvoldoende vermogen zouden kunnen bijdragen. Op basis van welke aan de gemeenteraad gecommuniceerde voorwaarde moet elke deelnemer aan een consortium zelf vermogen inbrengen?

9) Kan het college deze vragen uiterlijk 11 juni beantwoorden opdat de antwoorden eventueel in de commissie bestuur van 12 juni en bij de eerstkomende raad kunnen worden betrokken?

Robert Barker
Partij voor de Dieren

Joris Wijsmuller
Haagse Stadspartij

Martijn Balster
PvdA

Pieter Grinwis
CU/SGP

Adeel Mahmood
Nida

Hanne Drost
SP

Danielle Koster
CDA

Antwoorddatum: 18 jun. 2019

Het raadslid de heer Barker heeft op 1 juni 2019 een brief met daarin negen vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht.

Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

1. Kan het college aangeven waarom het Groene Consortium van een bieding is uitgesloten? Op welk criterium is het consortium afgewezen?

2. Hoeveel partijen mogen nu wel een bieding doen?

3. Kan het college bevestigen dat deze duurzame koper voor de sluitingsdatum van het niet bindende bod al rond 3 miljard aan eigenvermogen beschikbaar heeft om een bieding te doen?

4. Door het consortium is aangegeven dat ze zijn uitgesloten op basis van eisen die tijdens het verkoopproces, dus na inschrijving, zijn verhoogd. Welke eisen zijn bij aanvang van het proces aan potentiële kopers gecommuniceerd? En welke uitsluitingsgronden? We ontvangen graag de concrete formulering van de eisen.

5. Welke eisen zijn door City Group aan het consortium gesteld? We ontvangen graag de concrete formulering van de eisen. Kan het college op de verschillen reageren?

6. Klopt het dat dit consortium is uitgesloten op basis van het feit dat zij niet tijdig genoeg eigen vermogen beschikbaar had, terwijl deze eis niet eerder voor dat moment in het proces zou gelden? Kan het college toelichten in hoeverre dit afwijkt van de richting gemeenteraden verzonden informatie?

7. Is het college bereid om, in samenspraak met de andere aandeelhouders, Het Groene Consortium alsnog toe te laten tot het biedings- en onderhandelingsproces?

8. Wij hebben begrepen dat Den Haag Fossielvrij de mogelijkheid is ontzegd om deel te zijn van een consortium omdat ze zelf onvoldoende vermogen zouden kunnen bijdragen. Op basis van welke aan de gemeenteraad gecommuniceerde voorwaarde moet elke deelnemer aan een consortium zelf vermogen inbrengen?

9. Kan het college deze vragen uiterlijk 11 juni beantwoorden op dat de antwoorden eventueel in de commissie bestuur van 12 juni en bij de eerstkomende raad kunnen beantwoorden?


Beantwoording vragen:

De beantwoording van bovenstaande vragen zijn gerelateerd aan de volgende onderwerpen: de deelname of status van specifieke partijen aan het verkoopproces en de criteria die tijdens het verkoopproces worden gehanteerd. Deze onderwerpen en bovenstaande vragen worden hieronder beantwoord.

Voorafgaand aan het veilingproces hebben de verkopende aandeelhouders met Eneco afspraken gemaakt over de ‘spelregels’ van het verkoopproces. Deze spelregels richten zich ook op de communicatie en informatievoorziening tijdens het verkoopproces. Deze afspraken zorgen ervoor dat de belangen van Eneco, de aandeelhouders en overige stakeholders worden geborgd. Wij houden ons aan de afspraken die we met de andere aandeelhouders en Eneco hebben gemaakt, daarom geven geen commentaar op individuele partijen, of de status van hun eventuele betrokkenheid bij de verkoop. Alleen de winnende bieder, die na meerdere rondes overblijft, wordt bekend gemaakt.

Na de start van het veilingproces hebben partijen de mogelijkheid gehad om hun interesse in Eneco kenbaar te maken. Deze partijen hebben een brief ontvangen met de eisen om deel te nemen aan het verkoopproces (de pre-kwalificatie criteria) en er is verder duidelijk gemaakt hoe de partijen worden getoetst. Deze brief en pre-kwalificatiecriteria zijn met u op 5 maart via een raadsmededeling gedeeld (RIS301949). In die brief stond expliciet vermeld dat deze criteria ten aanzien van consortiumleden betekende dat ieder consortium lid zelfstandig een aanzienlijk deel van de voor de transactie benodigde financiële middelen moest kunnen verschaffen. Deze pre-kwalificatie criteria gelden voor alle partijen en deze criteria zijn niet gewijzigd. Voor de precieze formulering van de prekwalificatiecriteria wil ik u verwijzen naar de bijlagen van de raadsmededeling.

Op basis van deze criteria hebben de aandeelhouders, Eneco en hun financieel en juridisch adviseurs, alle door de geïnteresseerde partijen aangeleverde informatie zorgvuldig bestudeerd. De aandeelhouders hebben samen met Eneco beoordeeld welke partijen zich kwalificeren voor deelname aan het verkoopproces. Citigroup, de bank die het transactieproces begeleidt, heeft in opdracht van de aandeelhouders en Eneco de partijen die zich hebben gekwalificeerd en de partijen die zijn afgevallen hiervan op de hoogte gesteld.

Op dit moment zitten wij in de eindfase van non-binding offers fase, en de partijen die zijn geselecteerd hebben voldoende aangetoond dat zij voldoen aan de vereiste pre-kwalificatiecriteria. Partijen die niet zijn gekwalificeerd voor deze fase, hebben niet voldoende aangetoond dat zij aan deze eisen voldoen.

Het college van burgemeester en wethouders,

de wnd. secretaris, de burgemeester,

Dineke ten Hoorn Boer Pauline Krikke