Schrif­te­lijke vragen uitzon­dering opruim­plicht voor honden­be­zitters met een beperking


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Hondenbezitters zijn verplicht om hondenpoep op te ruimen in de openbare ruimte. Helaas is het opruimen niet voor iedereen een handeling die kan worden uitgevoerd. Mensen met een beperking zijn niet altijd instaat om zelf de uitwerpselen van hun dier op te ruimen. Ook de mensen met een beperking zouden zorgeloos hun honden moeten kunnen uitlaten. In de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Den Haag is er al een uitzondering voor mensen die zich vanwege hun handicap door een geleidehond of sociale hulphond laten begeleiden volgens artikel 2:58, lid 2.

Onder verwijzing naar artikel 30 van het Reglement van Orde stelt ondergetekende de volgende vragen:

1. Erkent het college dat het voor mensen met een beperking het lastig, soms zelfs onmogelijk, is om de uitwerpselen van hun hond in de openbare ruimte op te ruimen? Zo nee, waarom niet?

2. Hoe gaan handhavers in Den Haag om met mensen met een beperking die niet de uitwerpselen van hun hond opruimen?

3. Is het college bereid om de APV aan te passen, zodat niet alleen voor mensen die zich met een hulphond laten begeleiden een uitzondering geldt, maar ook voor mensen die door wat voor beperking dan ook niet in staat zijn om de uitwerpselen van hun hond op te ruimen? Zo nee, waarom niet?

Met vriendelijke groet,

Christine Teunissen
Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 23 nov. 2017

Het raadslid mevrouw Teunissen heeft op 23 november 2017 een brief met daarin drie vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht.
Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Hondenbezitters zijn verplicht om hondenpoep op te ruimen in de openbare ruimte. Helaas is het opruimen niet voor iedereen een handeling die kan worden uitgevoerd. Mensen met een beperking zijn niet altijd instaat om zelf de uitwerpselen van hun dier op te ruimen. Ook de mensen met een beperking zouden zorgeloos hun honden moeten kunnen uitlaten. In de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Den Haag is er al een uitzondering voor mensen die zich vanwege hun handicap door een geleidehond of sociale hulphond laten begeleiden volgens artikel 2:58, lid 2.

1. Erkent het college dat het voor mensen met een beperking het lastig, soms zelfs onmogelijk, is om de uitwerpselen van hun hond in de openbare ruimte op te ruimen? Zo nee, waarom niet?

Ja, met een beperking kan het soms lastig zijn om uitwerpselen op te ruimen. Gelukkig zijn er in de handel verschillende hulpmiddelen verkrijgbaar die kunnen ondersteunen bij het opruimen.

2. Hoe gaan handhavers in Den Haag om met mensen met een beperking die niet de uitwerpselen van hun hond opruimen?

Handhavers maken proces verbaal op bij geconstateerde overtredingen van de APV. Indien de eigenaar kan aantonen over een gecertificeerde geleidehond of sociale hulphond te beschikken, wordt er geen proces verbaal opgemaakt, want geleidehonden en sociale hulphonden zijn noodzakelijk voor het kunnen functioneren van de eigenaar in de maatschappij. Om die reden is voor deze groep een uitzondering gemaakt in de APV.

3. Is het college bereid om de APV aan te passen, zodat niet alleen voor mensen die zich met een hulphond laten begeleiden een uitzondering geldt, maar ook voor mensen die door wat voor beperking dan ook niet in staat zijn om de uitwerpselen van hun hond op te ruimen?
Zo nee, waarom niet?

Nee. De huidige regel is naar onze mening goed uitlegbaar. Bij verruiming wordt het onduidelijk waar de grens gesteld moet worden. Juist nu de opruimplicht veelal goed wordt nageleefd, willen we niet dat er meer uitzonderingen worden gemaakt, waardoor mogelijk de ergernis over hondenpoep weer gaat toenemen.

Het college van burgemeester en wethouders,

de secretaris, de burgemeester,

Koen de Snoo

Pauline Krikke