Schrif­te­lijke vervolg­vragen Waar blijft update Zeewa­ter­warm­te­cen­trale?


Indiendatum: 23 dec. 2020

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Op 3 november 2020 heeft het college de schriftelijke vragen ‘Waar blijft update Zeewaterwarmtecentrale?’ beantwoord (RIS306397). De beantwoording geeft aanleiding tot het stellen van vervolgvragen.

Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid Robert Barker, Partij voor de Dieren, de volgende vragen:

  1. Het college geeft aan geen leverings-/concessievergunning aan Vestia te hebben verleend voor het leveren van koude en warmte. Welke vergunningen had Vestia nodig om warmte te mogen leveren vanuit de Zeewaterwarmtecentrale en bij welk bevoegd gezag diende iedere vergunning te worden aangevraagd? Beschikte Vestia over elk van deze vergunningen?
  2. Op 10 november 2020 is voor de warmtevoorziening overgeschakeld van de Zeewaterwarmtecentrale (ZWWC) naar een WKO systeem met zeewater regeneratie (ZWKO). Welke vergunningen heeft Vestia nodig om warmte te mogen leveren vanuit de ZWKO en bij welk bevoegd gezag dient iedere vergunning te worden aangevraagd? Beschikt Vestia over elk van deze vergunningen?
  3. Het college geeft aan de vergunningen van de Zeewaterwarmtecentrale op de huidige locatie en van de ZWKO op de nieuwe locatie aan de bewoners te hebben overhandigd. Kan het college deze vergunningen bij de beantwoording van deze vragen voegen?
  4. Welke voorwaarden worden in de vergunningen waarvoor de gemeente het bevoegd gezag is aan (de warmtelevering door) de Zeewaterwarmtecentrale gesteld? Voldeed Vestia aan elk van deze voorwaarden?
  5. Welke voorwaarden worden in de vergunningen waarvoor de gemeente het bevoegd gezag is aan (de warmtelevering door) de ZWKO gesteld? Voldoet Vestia aan elk van deze voorwaarden?
  6. Indien Vestia aan een of meerdere voorwaarden niet voldoet, op welke manier gaat het college ervoor zorgen dat aan deze voorwaarden voldaan wordt?

Het college geeft aan dat het wijkberaad Duindorp de formele bewonersvertegenwoordiging is. Vanuit het wijkberaad zelf ontvangt de Partij voor de Dieren andere geluiden. Het wijkberaad geeft aan belangenbehartiger voor de Duindorpers te zijn, maar geen officiële vertegenwoordigers of mandaathouders van de bewoners.

  1. Is het college op de hoogte van deze stellingname van het wijkberaad Duindorp?
  2. Wat bedoelt het college wanneer het zegt dat het wijkberaad de formele bewonersvertegenwoordiging is? Hoe verhoudt die opvatting van het college zich met de opvatting van het wijkberaad zelf?
  3. Hoe zorgt het college ervoor dat het alle bewoners die aangesloten waren op de Zeewaterwarmtecentrale bereikt in de communicatie? Via welke organisatie communiceert het college met al deze bewoners?
  4. Wanneer gaat het college weer met de bewoners in gesprek? Via welke organisatie organiseert het college dit gesprek?
  5. In opdracht van Vestia is door Techniplan Adviseurs een onderzoeksrapport opgesteld over het functioneren van de Zeewaterwarmtecentrale. Kan het college dit rapport als bijlage bij de beantwoording van deze vragen voegen?


Robert Barker
Partij voor de Dieren