Schrif­te­lijke vragen Haagse wijk Wate­ringse Veld opge­schrikt door lugubere dood van een kat


Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Op maandagmiddag is in de buurt van de Montevideostraat in de Haagse wijk Wateringse Veld een dode kat aangetroffen door de wijkagent. Het dier hing aan een touw in een poort achter een huizenblok. Dierenmishandeling komt nog veel voor in Den Haag, maar lang niet altijd worden de daders opgespoord en/of opgepakt. Onderzoek toont een sterke correlatie tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld[1]. Voordat geweld overgaat op mensen heeft de dader al dieren mishandeld. Meer aandacht voor dierenmishandeling is dus voor mens en dier van groot belang.

Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid Robin Smit, Partij voor de Dieren, de volgende vragen:

  • 1) Is het college bekend met de berichtgeving over de dode kat die is aangetroffen in de wijk Wateringse Veld?[2]

  • 2) Kan het college de bevindingen van de politie bevestigen dat de kat is opgehangen?
  • 3) Is bekend bij de wijkagent of er meldingen zijn gedaan over dieronvriendelijk gedrag van mensen in de buurt?
  • 4) Hoeveel dodelijke gevallen van dierenmishandeling hebben zich in de laatste vier jaar in Den Haag voorgedaan?
  • 5) Op welke manieren probeert het college om dierenmishandeling in Den Haag te verkleinen al dan niet te voorkomen?

Uit eerder gestelde vragen van de Partij voor de Dieren (RIS296933) blijkt dat de gemeente een coördinator dierenpolitie en zes agenten als taakaccenthouders handhaving dierenwelzijn en opsporing dierenleed heeft. Deze agenten werken deeltijd aan dier-gerelateerde zaken. In vergelijking heeft de gemeente Rotterdam 17 agenten met het taakaccent dierenwelzijn.[3]

  • 6) Hoe verklaart het college het grote verschil met Rotterdam?
  • 7) Is het college bereid om bij de politie eenheid Den Haag erop aan te dringen meer taakaccenthouders handhaving dierenwelzijn en opsporing dierenleed aan te stellen? Zo nee, waarom niet?
  • 8) Is het college voornemens om samen met de diverse partners zoals de politie, NVWA en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming een Plan van Aanpak op te stellen om dierenmishandeling in de gemeente Den Haag aan te pakken? Zo nee, waarom niet?

In het huidige juridisch systeem komen dierenmishandelaars er vaak met een milde straf vanaf. Er momenteel niet genoeg aandacht en expertise binnen het Openbaar Ministerie.

  • 9) Is het college bereid om bij het driehoek-overleg erop aan te dringen dat bij het Functioneel Parket een officier van justitie op het gebied van Dierenmishandeling wordt aangesteld? Zo nee, waarom niet?

[1] https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2017/04/07/tk-bijlage-rapport-aard-van-het-beestje

[2] https://www.omroepwest.nl/nieuws/3756582/Weerzinwekkende-dood-kat-Hij-is-opgehangen-aan-een-touw

[3] https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/dieren/Nota-Dierenwelzijn-Rotterdam.pdf

Antwoorddatum: 19 mrt. 2019

Het raadslid de heer Smit heeft op 15 januari 2019 een brief met daarin negen vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht.

Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.

Op maandagmiddag is in de buurt van de Montevideostraat in de Haagse wijk Wateringse Veld een dode kat aangetroffen door de wijkagent. Het dier hing aan een touw in een poort achter een huizenblok. Dierenmishandeling komt nog veel voor in Den Haag, maar lang niet altijd worden de daders opgespoord en/of opgepakt. Onderzoek toont een sterke correlatie tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld1. Voordat geweld overgaat op mensen heeft de dader al dieren mishandeld. Meer aandacht voor dierenmishandeling is dus voor mens en dier van groot belang.

Overeenkomstig art. 30 van het Reglement van orde stelt het raadslid Robin Smit, Partij voor de Dieren, de volgende vragen:

1. Is het college bekend met de berichtgeving over de dode kat die is aangetroffen in de wijk Wateringse Veld?2

Ja.

2. Kan het college de bevindingen van de politie bevestigen dat de kat is opgehangen?

Ja.

3. Is bekend bij de wijkagent of er meldingen zijn gedaan over dieronvriendelijk gedrag van mensen in de buurt?

Er zijn geen meldingen ontvangen over dieronvriendelijk gedrag in de wijk Wateringse Veld.

Tijdens buurtonderzoeken zijn hier ook geen signalen over naar voren gekomen. De politie heeft via social media een digitale uitvraag gedaan voor tips en meer informatie. Het bericht heeft wel veel mensen bereikt, maar heeft helaas niet tot meer informatie geleid. Ook via Meld Misdaad Anoniem is geen informatie over dit incident ontvangen.

4. Hoeveel dodelijke gevallen van dierenmishandeling hebben zich in de laatste vier jaar in Den Haag voorgedaan?

De politie houdt niet stelselmatig bij hoeveel gevallen van dierenmishandeling hebben geresulteerd in de dood van een of meer dieren.

5. Op welke manieren probeert het college om dierenmishandeling in Den Haag te verkleinen al dan niet te voorkomen?

De aanpak van dierenmishandeling is formeel belegd bij de politie, de NVWA en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming. De gemeente heeft hier geen formele rol of bevoegdheid. Wel geeft de gemeente via het Huisdier Informatiepunt (HiP) voorlichting over verantwoord huisdierbezit, maar het is de vraag of potentiële dierenbeulen hiermee bereikt kunnen worden. Hier is het HiP ook niet primair voor bedoeld. Wanneer medewerkers van de gemeente bij de uitvoering van hun taak signalen van dierenmishandeling opvangen worden deze doorgegeven aan de hierboven genoemde instanties.

Uit eerder gestelde vragen van de Partij voor de Dieren (RIS296933) blijkt dat de gemeente een coördinator dierenpolitie en zes agenten als taakaccenthouders handhaving dierenwelzijn en opsporing dierenleed heeft. Deze agenten werken deeltijd aan dier-gerelateerde zaken. In vergelijking heeft de gemeente Rotterdam 17 agenten met het taakaccent dierenwelzijn.3

6. Hoe verklaart het college het grote verschil met Rotterdam?

Inmiddels heeft politie Eenheid Den Haag voor onze gemeente 11 taakaccenthouders dierenwelzijn - te weten één per basisteam - met een coördinator. Het college heeft geen zicht op de interne organisatie van politie Eenheid Rotterdam.

7. Is het college bereid om bij de politie eenheid Den Haag erop aan te dringen meer taakaccenthouders handhaving dierenwelzijn en opsporing dierenleed aan te stellen? Zo nee, waarom niet?

Zie beantwoording van vraag 6. De taakaccenthouders dierenwelzijn zijn aangesteld op basis van een landelijke afspraak. Het vragen van méér accenthouders boven op de huidige politiesterkte is niet realistisch en een verschuiving binnen de bestaande politiesterkte zou ten koste gaan van andere prioriteiten.

8. Is het college voornemens om samen met de diverse partners zoals de politie, NVWA en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming een Plan van Aanpak op te stellen om dierenmishandeling in de gemeente Den Haag aan te pakken? Zo nee, waarom niet?

Nee, zie beantwoording van vraag 5.

In het huidige juridisch systeem komen dierenmishandelaars er vaak met een milde straf vanaf. Er momenteel niet genoeg aandacht en expertise binnen het Openbaar Ministerie.

9. Is het college bereid om bij het driehoek-overleg erop aan te dringen dat bij het Functioneel Parket een officier van justitie op het gebied van Dierenmishandeling wordt aangesteld? Zo nee, waarom niet?

Opsporing en vervolging zijn een zaak van het Openbaar Ministerie. Het is geen taak van het college om zich met de interne organisatie daarvan te bemoeien.

Het college van burgemeester en wethouders,

de secretaris,

Peter Hennephof



de burgemeester,

Pauline Krikke